Beeld Artur Krynicki

Het is niet alsof alle voorstanders van de coronamaatregelen zulke lieverdjes zijn

PlusNatascha van Weezel

Op het Plein voor de Tweede Kamer staan zo’n honderd mensen te demonstreren tegen de coronawet. Ze zwaaien met Nederlandse vlaggen, draaien muziek van Lange Frans en roepen: “Blauw, wit rood, Nederland gaat dood.” Al snel kruipt de massa bij elkaar voor een groepsfoto. Niemand houdt anderhalve meter afstand en er worden volop handen geschud.

Mijn moeder en ik lopen toevallig langs. Voor de zekerheid zetten we onze mondkapjes op. Sommige demonstranten kijken ons vijandig aan, alsof we landverraders zijn. Gelukkig blijft het bij een paar vuile blikken.

Steeds vaker wordt er bij dergelijke demonstraties namelijk wél geweld gebruikt. Bij een eerder protest tegen de coronawet werd CDA-kamerlid Pieter Omtzigt door actievoerders omsingeld en uitgescholden voor ‘kankermongool’. Eind september sloot verzorgingstehuis Guldenakker in Goirle zijn deuren vanwege een aantal nieuwe corona­besmettingen. Het personeel werd prompt lastiggevallen met dreigtelefoontjes waarin hen ‘een pijnlijke, eenzame dood’ werd toegewenst.

Ook in Eindhoven was het raak: de 37-jarige coronapatiënt Matthieu Onderdijk deelde een foto op Instagram, waarop duidelijk te zien was dat hij een zuurstofslang in zijn neus had. Meteen werd de krachtsporter virtueel aangevallen door complotdenkers: hij zou betaald zijn door de overheid om ‘zogenaamd’ te waarschuwen voor de gevolgen corona.

Maar de kroon spant toch wel het afschuwelijke bericht over een 67-jarige buschauffeur die in Nieuw-West werd mishandeld omdat hij een reiziger verzocht een mondkapje te dragen.

Toch is het niet alsof alle voorstanders van de coronamaatregelen zulke lieverdjes zijn. Hoewel zij zich volgens veel tegenstanders gedragen als ‘laffe moraalridders’ komt verbaal en fysiek geweld ook steeds vaker voor in dit kamp. Zo werd de auto van influencer Famke Louise vernield toen ze haar steun uitsprak voor de campagne #ikdoenietmeermee.

Vorige week belaagde een onbekende man Willem Engel voor zijn eigen huis. De Viruswaarheidvoorman rende naar binnen, waarna de man een raam insloeg. Een dag later kreeg de secretaris van de Hersteld Hervormde Kerk in Staphorst tientallen doodsbedreigingen, nadat bleek dat daar 600 zingende mensen aanwezig waren bij een dienst. In mijn eigen supermarkt zag ik hoe een klant iemand zonder mondkapje uitschold: “Kom niet bij me in de buurt, kankerhond.” Twee medewerkers sprongen net op tijd tussenbeide.

Mensen, waar zijn we nou helemaal mee bezig? Je mag in dit land uiteraard demonstreren en het staat je vrij om je te ergeren aan Famke Louise, Pieter Omtzigt, Willem Engel of een supermarktklant die geen mondkapje draagt. Alleen horen geweld en doodsbedreigingen pertinent niet thuis in een democratische rechtstaat. Schrijf een brief aan het RIVM, voer een debat in het lokale buurthuis of maak een kritisch YouTube-filmpje. Maar blijf met je poten van anderen af.

Natascha van Weezel (34) is journalist. Elke maandag schrijft ze een column voor Het Parool.

Reageren? natascha@parool.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden