PlusColumn

Het is ijskoud in de stad, maar de temperatuur van mijn hart is behaaglijk

Pepijn LanenBeeld Corne van der Stelt

Het is ijskoud in de stad. Iets voor achten in de ochtend fiets ik over de brug over de Amstel. Aan de linkerkant is het nog grauw en grijs en een soort nacht en helemaal aan de rechterkant is er dicht bij de horizon alweer een rode gloed te zien die langzaam via een soort warm wit overgaat naar lichtblauw.

Als ik van links naar rechts kijk, zie ik de nacht in de dag verdwijnen. Ik zeg hardop 'wow' en rij alsnog niet de trambaan in.

Terwijl ik op en neer naar de van kleur veranderende hemel blijf kijken, zie ik de gebouwen onder in beeld met in de verte ook nog een hijskraan.

We zijn mieren, begrijp ik nu. De oppervlakte lastigvallen met onze knullige bouwwerken en de hoogte in willen terwijl we geen enkel besef hebben van wat er nou echt allemaal gaande is aan natuurkrachten en weet ik wat allemaal daar in de echte hoogte. Toch bouwen we best leuke dingetjes beslis ik als ik de gebouwen weer eens goed bekijk.

Ik drink een smakelijk kopje koffie met Yousef nadat we gesport hebben en besluit vandaag de hele dag geen sociale media te ervaren.

Ik blijf liever even gelukkig dan dat ik me weer moe moet maken over Trump en zijn opmars naar het einde van de wereld of in het klein Mark Rutte en zijn gênante populisme of nog weer iets anders, of derden die daar over beginnen en weer vierden die daar dan iets van vinden enzovoorts et cetera. Ze kunnen mijn pijp blazen.

Ik bedenk een paar steengoede ideeën omtrent een schrijfproject waar ik mee bezig ben, maar vergeet die weer tijdens de fietstocht omdat ik mijn muts ben vergeten en ik zodoende alleen maar na kan denken over hoe fijn het was geweest als ik mijn muts had opgehad.

Thuis vind ik in een keer de steeksleutel die ik nodig heb om de kraan van de Ikea-keuken weer vast te zetten en pak ik die ene tas uit die nu nog net niet te lang onuitgepakt is geweest en kan ik me nog steeds niet herinneren wat nou die steengoede ideeën waren, maar waag ik me toch aan het schrijfproject en maak er zowaar iets degelijks van.

Ik drink nog een kopje koffie wat ik eigenlijk niet zou moeten doen. Het is ijskoud in de stad. Maar de temperatuur van mijn hart is behaaglijk.

Pepijn Lanen (1982), ook bekend als Faberyayo, is rapper, schrijver en tekstschrijver van onder meer De Jeugd van Tegenwoordig en LeLe. Elke zaterdag schrijft hij een column voor Het Parool. In het archief lees je ze allemaal terug.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden