Jessica Kuitenbrouwer.Beeld Artur Krynicki

Het genootschap van de binnenstadse hondenbaasjes

PlusJessica Kuitenbrouwer

We zouden geen hond nemen. Totdat ik drie jaar geleden op het internet een foto van een bejaarde, maar robuuste boomer met vrolijke ogen zag. Ze zocht onderdak, samen met haar levenspartner, een ondeugende chihuahuamix met van die vlinderoren. Het stel was goed verwend, maar slecht verzorgd en samen hadden ze nogal wat gebreken. Slechte gebitjes, de een wat te mager, de ander juist te dik. En ze mochten absoluut niet uit elkaar. Hun baas was pas overleden, wat hun hartjes had gebroken en een scheiding zou ze misschien wel fataal worden.

Ik was verkocht. Stuurde een e-mail en kreeg diezelfde middag telefoon van de adoptiecoördinator van het asiel. Na wat vragen over de inrichting van onze flat en onze hondervaring mochten we kennis komen maken.

Toen we het asiel inliepen, klonk uit een van de gangen het geluid van 32 trippelende nageltjes, hoog geblaf en een soort varkensgeknor. Nog voordat de hondjes goed en wel in beeld waren, wisten wij het zeker: dit gaan we doen.

Eenmaal thuis merkten we al snel dat we gespot waren als hondenmensen. We werden zomaar gegroet op straat, zelfs uitgenodigd op bankjes voor een praatje, aangesproken op leuke halsbanden en kregen ongevraagd advies over voedsel en hond-vriendelijke natuurgebieden. Opeens waren we, zonder dat we er erg in hadden, toegetreden tot een genootschap – dat van de binnenstadse hondenbaasjes. Een genootschap van loyale, vrolijke mensen, in het bezit van een viervoeter en woonachtig in het centrum.

Het genootschap houdt elkaar goed in de gaten en verleent steun waar nodig. Sinds Hondje 2 drie weken geleden plotseling begon te strompelen, zijn wij de ontvangers van die steun.

“Dat is toch niks voor haar? Zij is toch juist zo’n stoere?!” zei de man met de angstige mopshond.

“Maak je nou niet te veel zorgen,” troostte de vrouw met de kortharige chihuahua.

“Hoe minder het nog aan ze doet, hoe meer je van ze gaat houden hoor,” verzekerde de oudere man met de poedel.

Na twee verkeerde diagnoses (“Ik zei toch dat die dierenarts een kwakzalver is!” riep de vrouw met de spaniël) ontdekten we dat Hondje 2 iets in haar voetje heeft dat er onder narcose uitgehaald moet worden – niet zonder risico gezien haar bejaarde status. We zien er enorm tegenop. De gedachte dat ze er misschien in blijft, maakt ons misselijk. Gelukkig weten we dat als morgen de klok 12 uur slaat en Hondje 2 de ok in wordt gereden het hele genootschap voor ons zit te duimen.

Jessica Kuitenbrouwer (1993) is schrijver, ­columnist en audioproducer. Ze schrijft deze zomer over haar leven in de binnenstad. Lees al haar columns hier terug.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden