Opinie

'Het aanbod slecht voedsel is nog altijd overdadig groot'

In steden als Amsterdam wordt al veel gedaan, maar het aanbod slecht voedsel is nog altijd overdadig groot. Dat heeft ernstige gevolgen voor de volksgezondheid, betoogt een groep wethouders, wetenschappers en directeuren.

Donutzaken en andere fastfoodketens zien nog altijd kans vestigingen te openen in Nederland Beeld Shutterstock

Het aanbod van eten en drinken in de publieke ruimte moet veel gezonder worden. Op te veel plekken worden we verleid tot een ongezonde hap en dat werkt overgewicht in de hand.

Lokale politici kunnen hier wat aan doen. In maart zijn de gemeenteraadsverkiezingen. Het gezonder maken van de publieke ruimte zou in elk gemeentelijk coalitieakkoord moeten komen.

De beschikbaarheid van eten en drinken in de publieke ruimte is al groot. Toch zien nieuwe hamburger- en pizzaketens, ijssalons en donutzaken kansen om zich in Nederland te vestigen, of ze breiden hier uit.

We weten allemaal wel dat die pizzapunt, cheeseburger en koffiesiroopijsdrankjes niet gezond zijn en veel calorieën bevatten.

Ook al nemen we ons vaak voor gezond te eten: door al dat aanbod worden we onbewust beïnvloed iets anders te doen. Wanneer mensen continu worden blootgesteld aan dergelijke hoogcalorische producten gaan velen voor de bijl, hoe goed ze ook zijn voorgelicht over de consequenties daarvan.

Chronische ziekten
Gezond eten en drinken draagt sterk bij aan het tegengaan van overgewicht en zorgt daarmee voor een lager risico op chronische ziekten als diabetes type 2, hart- en vaatziekten en sommige vormen van kanker.

Wetenschappelijk bewijs hiervoor is er in overvloed. Of en hoe gezond we eten wordt bepaald door het aanbod. Ook daarvoor is genoeg bewijs. Meer snacks en fastfood in de omgeving betekent dat we er meer van eten.

Op de Nationale Voedseltop vorig jaar bestempelden diverse partijen uit de voedselketen het gezonder maken van onze omgeving als prioriteit.

Gemeenten kunnen daarin een cruciale rol spelen door een voedselbeleid te formuleren en gebruik te maken van de naderende Omgevingswet.

Wethouders kunnen zorgen voor een publieke ruimte met een gezonder voedselaanbod die vrij is van ongezonde kindermarketing. Ook het promoten van gezond aanbod is onderdeel van dit beleid.

Daarbij kunnen wethouders in de eigen ruimten, zoals het gemeentehuis en gemeentelijke kantoren, het goede voorbeeld geven. En hoewel het om gezondheid gaat, is daarbij niet alleen de wethouder Gezondheid en Welzijn aan zet. Een gezonde gemeente raakt alle beleidsterreinen en hoort in het dna van het hele college.

Verkiezingen
Veel wethouders zijn hiermee al aan de slag gegaan. Goede voorbeelden uit binnen- en buitenland zijn er volop. Zo mag er in de openbare ruimtes van Boston in de VS geen suikerhoudende drank meer worden verkocht.

Amsterdam is gestopt met snoep- en frisdrankautomaten in gemeentelijke panden, en bij sportaccommodaties en metrostations is kinderreclame voor ongezonde voeding niet langer toegestaan.

In het Amsterdamse centrum is er een stop op nieuwe eetwinkels en geldt al jaren dat het aantal fastfoodzaken en snackbars via bestemmingsplannen is bevroren.

De gemeenten Heerenveen en Leeuwarden zetten met watertappunten in de openbare ruimte breed in op het bevorderen van het drinken van water. Ede heeft een wethouder Voedsel, een ziekenhuis waar gezond eten de norm is, en stimuleert scholen tot een gezonde schoolomgeving en structureel voedselonderwijs.

De gemeente Utrecht heeft adviseurs gezonde leefomgeving die letten op het gezondheidsperspectief bij de ruimtelijke ontwikkelingen en werkt aan een gezondere voedselomgeving door de aanleg van een duurzaam 'voedselbos' met eetbare planten.

Eisen
In Groningen streeft het ziekenhuis UMCG naar 40 procent verantwoorde en regionale producten voor de maaltijden en stimuleert actief de gezonde keuze in het restaurant. Sportcentrum West in Rotterdam heeft een 'gouden' sportkantine waarin het aanbod en de aankleding bezoekers vrijwel automatisch stimuleert om een gezondere keuze te maken.

De gemeenteraadsverkiezingen bieden politieke partijen dé kans om concrete afspraken te formuleren voor de komende jaren. In de coalitieakkoorden kan een lokale duurzame en gezonde voedselvisie worden vastgesteld waarin een gezonde publieke ruimte centraal staat.

Elke gemeente kan voorwaarden stellen aan het voedselaanbod op scholen en kinderopvanglocaties. Elke gemeente kan bij inkoopcontracten, aanbestedingen en in subsidievoorwaarden eisen stellen aan het aanbod van gezond eten en drinken. Kortom, elke gemeente kan de kans grijpen om zijn inwoners een gezonde publieke omgeving te bieden.

Jaap Seidell, hoogleraar voeding en gezondheid, Vrije Universiteit Amsterdam
Gerda Feunekes, directeur Voedingscentrum
Marjon Bachra, directeur Jongeren Op Gezond Gewicht
Victor Everhardt, wethouder Utrecht
Leon Meijer, wethouder Ede
Hans Broekhuizen, wethouder Heerenveen
Eric van der Burg, wethouder Amsterdam
Adriaan Visser, wethouder Rotterdam
Mattias Gijsbertsen, wethouder Groningen
Herwil van Gelder, wethouder Leeuwarden
Sebastiaan Aalst, Food Cabinet
Hans Dagevos, Wageningen Universiteit
Bob Fennis, Rijksuniversiteit Groningen
Edith Feskens, Wageningen Universiteit
Kees de Graaf, Wageningen Universiteit
Rob Holland, Radboud Universiteit Nijmegen
Koert van Ittersum, Rijksuniversiteit Groningen
Ellen Kampman, Wageningen Universiteit
Martijn Katan, Vrije Universiteit Amsterdam
Jorrit Kiewik, Slow Food Youth Network
Stef Kremers, Maastricht University
Denise de Ridder, Universiteit Utrecht
Jantine Schuit, Tilburg University
Emely de Vet, Wageningen Universiteit
Tommy Visscher, hogeschool Windesheim

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden