Opinie

Herinnering aan een tropische voetbalzomer

''Op een avond volgde ik vanuit de entree met belangstelling de halve finale Nederland-Tsjechoslowakije'', schrijft Etienne Denneboom aan Het Parool. ''Toen vanuit de lobby een man de lounge binnenkwam die met zijn rug precies in mijn zichtlijn ging staan.''

Voetbal, Europees Kampioenschap (EK) 1976, Strijd om 3e en 4e plaats. Joegoslavië-Nederland (uitslag 2-3, na verlenging). Ruud Geels (links) scoort het winnende doelpunt. Zagreb Joegoslavië 20 juni 1976. Beeld anp

In de zomer van 1976, de laatste tropische tot aan die van nu, had ik als student een vakantiebaantje in Grand Hotel Krasnapolsky aan de Dam tegenover het Koninklijk Paleis. Als bagagist was het mijn taak koffers naar en van de ­kamers te brengen, met de hand of op een karretje.

Wanneer er even niets te doen was zat ik met mijn Pakistaanse collega's in het open kofferdepot bij de entree, totdat we met een bel door de receptie werden ­opgetrommeld om in actie te ­komen. Vanuit ons hok hadden we via een glazen wand uitzicht op de Beatrixlounge, waar hotelgasten met een drankje erbij tv konden kijken.

Die zomer werd ook het EK voetbal gespeeld, waar Nederland, toen nog in zijn glorie­dagen, van de partij was. Op een avond volgde ik vanuit de entree met belangstelling de halve finale Nederland-Tsjechoslowakije, toen vanuit de lobby een man de lounge binnenkwam die met zijn rug precies in mijn zichtlijn ging staan.

Zachtjes klopte ik tegen de glazen wand en wenkte hem met beleid om iets opzij te gaan. Toen een reactie uitbleef, tikte ik nogmaals tegen het raam en dit keer had het wel effect. De man - hij zal een jaar of vijftig zijn geweest - kwam via de lobby naar me toe, keek naar mijn uniform en vroeg: "Are you on duty now?"

"Eh, yes sir," beaamde ik, terwijl ik al nattigheid begon te voelen. "Then better go do your duty. My name is Verschoor and I'm the general manager of this hotel."

Een dag later - ik bleek nog niet ontslagen te zijn - kwam ik de heer Verschoor tegen in de lobby. Ik bood hem in het Nederlands mijn excuses aan met de woorden: "Ik wist niet dat u de general manager bent, ik dacht dat u een hotelgast was."

Daarop kreeg ik een les in voorbeeldig management die me tot op de dag van vandaag is bijgebleven: "Ik ben blij dat ik het was en niet een hotelgast. En ik waardeer het dat u even naar mij toekomt."

Tot slot: mijn collega's - allen in vaste dienst - hadden vanuit het hok alles zien gebeuren, tot hun grote hilariteit. Die avond, waarop Nederland roemloos ten onder ging, groeide ik uit tot held van de kofferslepers van Krasnapolsky.

Etienne Denneboom, Amsterdam

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden