Tuğrul Çirakoğlu. Beeld Nosh Neneh
Tuğrul Çirakoğlu.Beeld Nosh Neneh

Halverwege kwam het besef dat wij waren gekomen om te helpen

PlusTuğrul Çirakoğlu

Samen met de wijkagent klopte ik op de voordeur. Een meneer van middelbare leeftijd deed de deur maar gedeeltelijk open, waardoor het moeilijk was om naar binnen te kijken. Hij wist al hoe laat het was, maar deed uit schaamte alsof hij geen flauw idee had waarom de wijkagent voor de deur stond. “Wat komt u hier doen?” vroeg hij hem. De wijkagent gaf aan dat een noodontruiming ingepland stond, in opdracht van de burgemeester. Hij kon vrijwillig meewerken, of hij zou ­worden meegenomen naar het bureau tot alles was ontruimd. De keuze was snel gemaakt.

Toen ik de woning binnenstapte, wist ik niet wat ik zag. Het appartement van ongeveer 80 vierkante meter stond vol met lege bierblikken en bedorven voedsel. De bergen met troep waren zo hoog en breed dat ik mezelf erin kon begraven. In de woning stonden een tuinstoel en een kleine televisie. Meer meu­bilair was er niet.

De bewoner sliep in een slaapzak op een kale betonnen vloer, waarop hij een viertal stoelkussens had neergelegd. Ik kon me niet inbeelden hoe het moest zijn om iedere nacht op een koude, kale betonnen vloer te liggen tussen bergen stinkend afval. De spinnen, kakkerlakken, vliegen en maden waren in groten getale aanwezig. Waarschijnlijk kropen ze elke avond over hem heen.

Het meest bedroevende moment kwam toen ik de man op zijn balkon zag zitten, starend naar de mensenmassa buiten op straat. Hij woonde tussen de mensen, maar voelde zich moederziel alleen. Niemand keek naar hem om. Hij dronk het ene na het andere blik bier leeg. Eens in de zoveel tijd zag ik hem in elkaar zakken, compleet versuft door de alcohol. Ik liet stiekem een traan.

Halverwege de opdracht kwam bij hem het besef dat wij waren gekomen om te helpen, niet om hem voor schut te zetten. Hij begon zich steeds meer open te stellen en vertelde hoe hij in deze situatie was beland. Op de tweede dag van de werkzaamheden stond hij ’s ochtends op ons te wachten op zijn balkon. Hij was bang dat we niet meer zouden terugkomen.

Nadat we de gehele woning van top tot teen hadden schoongemaakt, moest hij huilen van blijdschap. Hij kon zich eindelijk weer mens voelen. Maar, nog belangrijker: hij werd voor het eerst in jaren weer gezien. Zijn bestaan deed ertoe, en ook hij verdiende het om gelukkig te zijn.

Tuğrul Çirakoğlu maakt met zijn bedrijf schoon in extreme ­situaties. Hij vertelt de verhalen achter het vuil. Lees al zijn verhalen hier terug.

Alsof er niets is gebeurd. Beeld
Alsof er niets is gebeurd.
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden