Theodor Holman.Beeld Artur Krynicki

Halsema komt er waarschijnlijk mee weg, zoals ze met alles wegkomt

PlusTheodor Holman

Ik citeer de eerste regels van het bericht uit onze krant nog even: ‘Drie onafhankelijke onderzoekers kraken de manier waarop burgemeester Femke Halsema, politiebaas Frank Paauw en toenmalig hoofdofficier van justitie Jeroen Steenbrink de demonstratie tegen politiegeweld hebben begeleid.’

Het ging om beleid tijdens die antiracismedemonstratie op de Dam in tijden van corona.

Gekraakt!

Als een harde noot.

En nu?

Nu niks.

Halsema komt er waarschijnlijk mee weg, zoals ze met alles wegkomt. Al zijn er grote fouten gemaakt, het doel heiligde de middelen, zal worden beweerd. Het progressieve college van burgemeester en wethouders – ‘rood is de vlag, die wij volgen genoten/ rood is de morgen op zijn blozende kruin’ (Adama van Scheltema) – vindt dat Halsema op de Dam in feite een heldendaad heeft verricht die getuigt van grote morele autoriteit, en daarom niet bestraft maar bewonderd moet worden.

Zo’n onderzoek wordt dus snel als zinloos geïdeologiseerd door de arrogante houding van een bestuur dat zijn contact met de mensen ‘voor wie we het doen’ heeft verraden.

Je kunt wel roepen dat ze moeten aftreden, maar in de politiek is de morele attitude tegenwoordig van zeepsop gemaakt waar men mooie bellen mee kan blazen.

Hypocrisie is niet zo erg, maar arrogante hypocrisie van arrogante bestuurders is het gedwongen eten van bedorven vlees met rotte eieren.

Men vindt dat het debat verhardt. Dan roept men: dat komt door de sociale media, door de verrechtsing en het kapitalisme. Maar volgens mij komt door het eenvoudige feit dat voor de Hoge Heren en Vrouwen op een overtreding geen straf staat en voor de Kleine Luyden wel. Hun gevoel dat ze constant worden verneukt is terecht.

En dan scandeert men al snel: Lock her up!

De gemeente vindt morele problemen belangrijker dan concrete problemen.

Gisteren bijvoorbeeld maakte de gemeente bekend dat er nieuwe straatnamen moeten komen die ’de verscheidenheid van de Amsterdamse bevolking meer laat terugkomen.’

Tja…

Ik denk aan de Marianne Philipsstraat. Marianne Philips: joods, SDAP-propagandiste, schrijfster. Het was de straat waar Mohammed B. woonde.

Ik denk aan Raden Adjeng Kartini. Een persoon met een baarmoeder en van mijn kleur. Welke feministe kent haar niet? Er zijn wel drie biografiën over haar geschreven. Moet er wel of niet een straat naar haar worden genoemd? Of is dat al gebeurd?

Ik bedoel: noem straten naar gewone Amsterdammers.

O nee, dat mag niet. Niet elitair genoeg.

Theodor Holman (1953) is columnist, schrijver, televisie- en radiomaker. Elke dag, uitgezonderd zondag, lees je hier zijn column. Lees al zijn columns terug in het archief.

Reageren? t.holman@parool.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden