Opinie

‘Halsema heeft te veel macht over evenementenbeleid’

Niet de raad, maar de burgemeester zit aan de knoppen van het evenementenbeleid, zo betoogt Erik Bouwer van Mokum Reclaimed in dit opiniestuk. ‘De mogelijkheid om in te grijpen ontbreekt.’

Burgemeester Femke Halsema. Beeld Teska Overbeeke

In Amsterdam bepaalt de burgemeester hoeveel evenementen er zijn, hoeveel decibels daar mogen worden geproduceerd en hoeveel bezoekers zijn toegestaan. Het is Femke Halsema die haar handtekening zet onder afwijkende aanvragen, bijvoorbeeld wanneer een evenement meer op- en afbouwdagen krijgt dan afgesproken; of wanneer een evenement de hele dag kneiterharde muziek draait terwijl het niet als muziek of dance-event te boek staat.

Daarmee gaat Halsema dus ook over de ­uitverkoop van de openbare ruimte als commerciële evenemententerreinen. En ze tekent ook voor het gebrek aan nachtrust. Deze gang van zaken is bepaald in de APV, de Algemene Plaatselijke Verordening van Amsterdam, vastgesteld in 2008. Daarin is, met een verwijzing naar de gemeentewet, vastgelegd dat het verlenen van een evenementenvergunning de verantwoordelijkheid is van de burgemeester. Motief: de burgemeester gaat over het toezicht op evenementen (artikel 174 GW).

In de huidige opzet van het evenementenbeleid zitten twee ernstige weeffouten. Op de eerste plaats zijn in de Amsterdamse APV de kaders voor het verlenen van vergunningen voor evenementen zeer globaal omschreven. Dat biedt de burgemeester veel ruimte bij het verlenen van vergunningen voor evenementen. De veelbesproken locatieprofielen zijn echter niet verankerd in de APV.

IJsbaan Rembrandtplein

Daarmee hebben ze geen rechtskracht, maar slechts de status van ‘beleid’. In de locatieprofielen is bovendien expliciet aangegeven dat ze beleidsruimte bieden aan de vergunningverlener. Met als gevolg dat wanneer de profielen knellen voor organisatoren van evenementen, er grif van wordt afgeweken door de burgemeester.

Recent voorbeeld is de ijsbaan op het ­Rembrandtplein: volgens het locatieprofiel zijn 8 evenementendagen toegestaan, toch mocht de ijsbaan er 70 dagen (!) staan. In antwoord op raadsvragen van de PvdA hierover is het antwoord van de burgemeester: “Het dagelijks bestuur van stadsdeel Centrum heeft er beredeneerd voor gekozen om af te wijken van het locatieprofiel voor het Rembrandtplein.”

Dus wanneer bewoners naar de rechter gaan voor een voorlopige voorziening of het instellen van een beroep en ze zich daarbij beroepen op het locatieprofiel, trekken ze tot nu toe per definitie aan het kortste eind.

Rechters concluderen keer op keer dat afwijken van datgene wat in locatieprofielen is vastgelegd, valt onder de beleidsruimte van de burgemeester. Niet alleen bewoners staan met lege handen. Ook de gemeenteraad staat machteloos, want die kan de ‘verantwoordelijke bestuurder’ weliswaar bevragen, zie hierboven, maar niet naar huis sturen. De burgemeester wordt immers benoemd door de Kroon.

De tweede weeffout heeft te maken met de procedurele kant van vergunningverlening voor evenementen. In Amsterdam is de uitvoering van de vergunningverlening grotendeels gemandateerd aan de stadsdelen. Ook hier gaat van alles mis.

Stadsdelen houden zich zelden aan de voorgeschreven tijdperioden voor zowel bekendmaking van de vergunningaanvraag als de publicatie van de vergunning. Dat bemoeilijkt voor bewoners het instellen van bezwaar en beroep. Bij de stadsdelen gaat het ook mis met de toepassing van de locatieprofielen. Met vrijwel iedere vergunning (aangevraagd of verleend) die je langs de lat legt, is iets mis.

Vrij spel

Daarnaast gaan stadsdelen elk op hun eigen manier om met het verstrekken van opgevraagde informatie aan bewoners die een zienswijze of een bezwaar willen indienen. Het ene stadsdeel is sneller dan het andere stadsdeel; als je als burger al tijdig stukken krijgt toegestuurd, ontbreken er vaak onderdelen of zijn alinea’s weggelakt.

Daarnaast kan je als bewoner alleen bezwaar indienen als je ook belanghebbende bent. Woon je naar de smaak van het stadsdeel te ver van een evenementenlocatie af, dan ben je geen belanghebbende. Ook al heb je tijdens het evenement er wel last van, bijvoorbeeld ­omdat bastonen doordringen tot in je huis.

De gemeenteraad heeft zelf de APV vastgesteld en dus zelf ingestemd met de beleidsvrijheid voor de burgemeester bij het verlenen van evenementenvergunningen. De raad heeft ­destijds vergeten de locatieprofielen te verankeren in de APV, zodat ze ook rechtskracht zouden krijgen.

De huidige constructie geeft ambtenaren ­samen met de burgemeester vrij spel bij het ­verlenen van vergunningen. Daar staat tegenover dat de mogelijkheid om in te grijpen in het beleid voor zowel burgers als raadsleden ­ontbreekt. Dat is op zijn minst vreemd, want het evenementenbeleid heeft (door geluidsoverlast) een negatief effect op het leefklimaat van bewoners, de luchtkwaliteit en flora en fauna in stadsparken.

Het is niet de gemeenteraad, maar Halsema die op al deze punten aan de knoppen zit en daar moet snel een einde aan komen. 

Erik Bouwer. Lid van Mokum Reclaimed, dat de openbare ruimte aan de Amsterdammers wil teruggeven. Beeld Mark van den Brink
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden