Theodor HolmanBeeld Artur Krynicki

Goedkope flessen wijn met zwaar verhaal

PlusTheodor Holman

Ik bel aan en heb twee lullige boodschappentassen bij me.

Een oudere vrouw – ach, ik had bij d’r in de klas kunnen zitten – doet open. 

We stellen ons aan elkaar voor en ze neemt me mee naar de achterkamer.

Daar staan ze.

Vijf flessen Châteaux Margaux uit een prachtig jaar. 

Voor een prijs waar je twee keer ergens boven Parijs goed van uit eten kunt. Dus ze zijn niet duur.

“Ik zal blij zijn als ze het huis uit zijn,” zegt ze.

Ik leg mijn biljetten op tafel en als ik vervolgens de flessen voorzichtig in mijn tassen stop, zegt ze: “Ik hou niet van wijn… En hij ook niet. Maar hij wilde altijd indruk maken. Altijd.”

“Deze wijnen zijn ook indrukwekkend,” zeg ik.

“Zal wel… Wijn is wijn. Maar ik kreeg er een steeds grotere hekel aan. Hij is nu veertien dagen dood, en ik ben blij dat ik dit weg kan doen. Ze doen me aan hem denken.”

Ik ga zitten. Zij ook.

“En elke dag dronken, elke dag. En dan zei hij: ‘Ik ben bezopen, ik heb vanavond voor 1500 euro in m’n keel gegoten!’ En dan haatte ik hem. Hij was niet agressief of zo. Alleen dronken. En hij hield niet eens van wijn. Hij hield van de prijs van wijn. En weet je waarom hij dronk?”

Ik schudde mijn hoofd.

“Het was schuld. Schuld omdat hij een lapzwans was. Hij had geld geërfd van zijn familie en wilde daarna de grote meneer uithangen. Maar bij die grote meneren legde hij het altijd af. Hij had niks te vertellen. Hij wist alleen wat hij voor die wijnen had betaald. En hij dacht indruk te maken door volle glazen aan zijn zogenaamde vrienden te schenken die wel verstand hadden van zakendoen. Hij dacht dat wijn zijn minderwaardigheidsgevoel zou wegspoelen.”

Ik zweeg.

“Je vraagt je natuurlijk af: waarom ben ik niet van hem gescheiden? Zal ik je eens wat vertellen? Ik weet het niet. Ik kon het ook niet. Ik heb hem zelfs goed verzorgd toen hij ziek was. Ik had medelijden met hem. Op de dag dat hij dood wilde, hebben we de duurste fles gepakt – hij wilde absoluut de duurste wijn – en die heeft hij opgedronken en daarna, nou ja, de dokter kwam en… je begrijpt me wel… En ik lag naast hem en hield zijn hand vast.”

Theodor Holman (1953) is columnist, schrijver, televisie- en radiomaker. Elke dag, uitgezonderd zondag, lees je hier zijn column. Lees al zijn columns terug in het archief.

Reageren? t.holman@parool.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden