Plus Column

Goede bedoelingen maar ziekenhuis blijft dominant wit

Marcel Levi Beeld Wolff

Afgelopen week kreeg ik een brief van de Britse minister van Volksgezondheid, die mij op licht verwijtende toon vroeg waarom slechts twee van de tien bestuursleden van onze ziekenhuizen in Londen een niet-witte achtergrond hadden.

Niet heel verrassend in Groot-Brittannië, waar een scheve verhouding tussen raciale achtergrond en maatschappelijke positie erg actueel is en in de politiek en pers heel veel aandacht krijgt.

Inderdaad is het slecht verklaarbaar dat in Londen meer dan 40 procent van de inwoners een niet-witte achtergrond heeft terwijl slechts weinigen van hen een leidende positie in bedrijfsleven of publiek bestuur verwerven.

Dit ondanks gelijke opleidingsgraad en ervarings­jaren. Het is een taai onderwerp waarbij al jaren weinig verbetering wordt geboekt, ondanks veel aandacht en goede bedoelingen. Ik vroeg me tegelijk af hoe dat eigenlijk in Nederland is.

Immers, ook op heel veel plaatsen in Nederland is een groot deel van de bevolking van allochtone afkomst. Het Centraal Bureau voor de Statistiek noemt dat tegenwoordig, licht-verhullend, maar ongetwijfeld politiek correct, mensen met een 'niet-westerse migratieachtergrond'. In de grote steden in Nederland vormen zij zelfs een derde deel van de bevolking.

Hoewel over het geheel genomen de opleidingsgraad van deze groep misschien nog wat achterloopt bij het gemiddelde van de witte bevolking, zitten er natuurlijk eindeloos veel uitstekend opgeleide en zeer ervaren personen tussen.

Het is evenwel onthutsend om te zien hoe mager de niet-witte groep in Nederland vertegenwoordigd is in het bestuurlijke circuit.

In de 72 ziekenhuisbesturen van Nederland zitten 190 bestuurders, van wie 119 mannen en 71 vrouwen. Slechts één van hen, gevonden op afstand van de grote steden, heeft een andere huidskleur dan wit. Eén! Dat is 0,5 procent.

Bij de 39 bestuurders van de 13 grotere universiteiten is ook slecht één van hen van allochtone afkomst, terwijl gemiddeld 12 procent van de studenten een migratieachtergrond heeft.

Op welke andere plek je ook kijkt, in het publieke bestuur is het beeld niet verschillend. Overal witte mannen (pale, male and stale, bleek, mannelijk en muf, zoals de Engelsen zeggen) en witte vrouwen.

Misschien is nog wel het ergste dat ik geen idee had van deze ontstellende ongelijkheid en zelf als witte bestuurder tot voor kort nog geen milliseconde had nagedacht over de oorzaken van deze witte oververtegenwoordiging.

Het grootste manco hierover vormen wellicht het gebrek aan openbare erkenning en een gebrek aan een diepgaand debat over de vraag waarom onze getalenteerde en goed opgeleide niet-witte collega's kennelijk nauwelijks doorstoten naar ­topfuncties.

Het is de hoogste tijd dat we de potsierlijke Zwarte Pieten­discussie vervangen door een meer serieuze zwarte bobo­discussie.

Marcel Levi is ceo van University College London Hospitals. Daarvoor was hij bestuursvoorzitter van het AMC.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden