Theodor Holman. Beeld Artur Krynicki

‘Gewoon, lekker wandelen met een groepje’

Plus Theodor Holman

‘‘De wandeling in het woud was heel prettig, heel mooi.”

“Zei je nou woud?”

“Ja.”

“Niet meer zeggen. Nationaalsocialisten hadden het altijd over woud. Der Wald. Je kunt beter zeggen: tot bos gemaakte bomenrij. Maar niet woud.”

“Ik zeg altijd woud!”

“Niet meer doen. Dat zeggen van die heel rechtse jongelui die lavendel verzamelen. Van die foute Heideggertypes.”

“Oké, we hebben dus heerlijk gewandeld in een tot bos gemaakte bomenrij. We wilden eens kijken wat er van het oerbos over is gebleven.”

“Pardon? Oerbos?”

“Ja. Het oudste bos van Europa. Eens kijken wat daar van over is.”

“Vind je dat zelf niet eng, als je dat zegt? Oerbos? Waar de Oerossen zijn, de Oermensen. Je hebt daar geen nationaal­socialistische gedachten bij?”

“Nou nee. Niet daarbij.”

“Mag ik vragen waarom jullie dat oerbos wilden zien?”

“Nou, gewoon… Lekker wandelen, met een groepje.”

“Met een groepje. Zoals de Vader Jahn Wanderer. Als Wandervogel. Zingend met Der Zupfgeigenhansl in de hand. Mag ik even wat smerigs wegspoelen?”

“Wat doen we fout? Wat is Zupfgeigenhansl?”

“Het Duitse volksliedboek. Bekend bij alle nationaalsocialisten.”

“Nou, ik ken het niet. Maar we hebben wel oude Nederlandse liedjes gezongen. Heel leuk. Vier weverkens en Daar was laatst een meisje loos en Wien Neêrlands bloed…”

“Dat heb je gezongen, Wien Neêrlands bloed?”

“Ja, niemand kent die liederen meer. Erg jammer. Best wel mooi.”

“O ja? Met de tekst ‘van vreemde smetten vrij’. Dat zing jij?”

“Ja, nog geleerd op school. Gekke tekst en ik weet heus wel dat het een bloed en bodemconnotatie heeft. Maar toch een leuk lied.”

“Leuk lied, leuk lied! Je gaat straks nog het Horst Wessellied zingen omdat je dat zo’n leuk lied vindt. Zeg dan gewoon dat je nationaalsocialist bent. Zeg het! Zeg het!”

“Stel je niet zo aan!”

“Zeg het! Zeg het maar.”

“Nou, ik heb ook De Internationale gezongen, en Morgenrood, en die van ‘Op socialisten sluit de rijen’. Mocht dat wel?”

“Nou ja, beter dan die fascistentroep.”

“Maar we moesten wel uitkijken?”

“Hoezo?”

“Nou, er liepen een paar kannibalen mee. Enkele indianen en wat eskimo’s. En Paarsen, heel domme Paarsen. Dat die dom zijn, komt door hun paarse huid. Die wandelenden ook mee.”

Theodor Holman (1953) is columnist, schrijver, televisie- en radiomaker. Elke dag, uitgezonderd zondag, lees je hier zijn column. Lees al zijn columns terug in het archief.

Reageren? t.holman@parool.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden