Opinie

'Geen wonder dat elite een scheldwoord is'

'De mensen' hebben meer macht dan ooit tevoren, schrijft John Jansen van Galen in een opiniestuk in Het Parool. Want kiezers laten zich via sociale media nu ook tussen verkiezingen danig gelden, waarop politici ze naar de mond praten.

Het Oekraïne­referendum liep uit op een onverwachte afwijzing van de elite. Den Haag zit er nu mee Beeld anp

Een 'opstand van het volk', of minstens 'verzet' en 'protest van het volk': zo worden algemeen zowel de zegepraal van Donald Trump, de Brexit, als de uitslag van het Oekraïnereferendum geduid. Opstand waartegen?

Tegen 'de elite', de wegkijkende, neerbuigende en nooit luisterende bovenlaag van politiek en media. Wat is de inzet van die opstand? "De mensen willen hun macht terug," volgens SP-leider Emile Roemer, en zijn PVV-collega Geert Wilders verklaart: "Wij willen Nederland terugveroveren."

Krachtige statements
Twee dingen vallen daarin op: het eerste is dat Roemer zich tot tolk maakt van 'de mensen', terwijl Wilders zich met hen identificeert en daarmee een voorsprong in de kiezersgunst neemt. Het tweede is het herhaalde 'terug'. Verondersteld wordt dat er een tijd was waarin 'de mensen' de macht hadden en meester waren over een Nederland, dat ze nu terug moeten veroveren.

Die tijd heeft nooit bestaan. Het volk oefent zijn macht in een democratie in directe zin alleen in een flits uit bij verkiezingen, waarmee de macht tijdelijk gedelegeerd wordt aan (deels gekozen) bestuurders. Vroeger was het daarmee voor jaren bekeken, tegenwoordig laten kiezers zich, vooral via zogenaamde sociale media, ook tussen verkiezingen danig gelden.

Politici, beducht om aanhang te verliezen, reageren op de stemmingswisselingen van het publiek met krachtige statements (liefst in de taal van 'het volk') en aankondigingen van nieuw, ferm beleid. In die zin hebben 'de mensen' juist meer macht dan ooit tevoren.

Onduidelijk blijft doorgaans wat ze met die macht willen bereiken (en al helemaal of ze het daar onderling wel over eens zijn). In een reportage in NRC Handelsblad beweerde een Limburgse vrouw dat ze voor de volgende verkiezingen in haar dorp al zeventig procent van de stemmen (de Wilderskiezers plus de bijvangst aan bekeerde niet-stemmers) bij elkaar had. Zeventig procent waarvoor, informeren de verslaggevers. "Zeventig procent tegen."

John Jansen van Galen Beeld Rink Hof

John Jansen van Galen

Schrijver, journalist

Uitlaatklep
Hoe moeten de gevestigde bestuurders en politici op deze toestand reageren? Tussen hun technocratische beleid en de populistische, ongearticuleerde afkeer daarvan dreigt de democratie vermalen te worden, schrijft PvdA-denker René Cuperus in de Volkskrant en hij benoemt daarmee precies het gevaar dat dreigt.

Het beste voorbeeld is het Oekraïnereferendum. 'Den Haag' zag het verdrag als heilzaam voor Nederland en organiseerde onbekommerd een referendum dat juist een uitlaatklep kon vormen voor de brede weerzin tegen Den Haag. De verantwoordelijke politici, vertrouwend op hun eigen goede bedoelingen, deden nauwelijks moeite het verdrag aan te prijzen.

Het raadgevend karakter van het referendum (en de verplichtingen van een internationale overeenkomst) negerend, kondigden PvdA en CDA bij voorbaat aan de uitslag te zullen volgen. En begonnen zich, toen die negatief uitviel, in allerlei bochten te wringen om eronderuit te komen. Geen wonder dat het vertrouwen in Den Haag tot een historisch dieptepunt daalt.

Scheldwoord
Het lijkt een wonder hoe snel het begrip 'elite' een scheldwoord geworden is, maar dat komt doordat de politieke beroepsklasse haar rol als elite, lees: voorhoede, niet serieus neemt. Het 'luisteren' naar de burgers heeft de vorm aangenomen van knielen voor de kiezers (zonder daar merkbaar consequenties aan te verbinden) en ze naar de mond praten ('pleurt op').

Ook de NOS kondigt aan nu beter naar het publiek te gaan luisteren, alsof het Journaal al niet sinds Fortuyn wordt opgeluisterd met nietszeggende straatinterviewtjes - wat iets heel anders is dan burgers serieus nemen.

Het probleem is dat het politici van gematigde of middenpartijen ontbreekt aan de moed om met hun optreden de democratie te verdedigen. In plaats van hun beleid ter discussie te stellen, presenteren ze het als onvermijdelijk.

Oprispingen van ongerechtvaardigde onvrede weerspreken ze niet, maar imiteren ze. Wie begint over 'pleurt op' zal spoedig merken dat zijn klanten dan liever het originele product kopen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden