Opinie

‘Geef Amsterdammers middelen om zélf uit de crisis te komen’

Bezuinig niet op de wijkcentra, maar geef ze extra financiële steun, vraagt Ellis Kramer. Juist nu is dat hard nodig.

De soep wordt opgediend in een buurtcentrum in Noord.Beeld Dingena Mol

Midden in de stad speelt een belangrijk probleem: de wijkcentra zijn in gevaar. Niet alleen het centrum in De Pijp, waar Het Parool in september over schreef, maar voor alle centra dreigen bezuinigingen. In de zomer werd dit rigoureus door stadsdeelbestuurders aangekondigd. Officiële bezwaren hiertegen, ook van wijkcentrum d’Oude Stadt in de Kerkstraat, werden vervolgens in de stadsdelen afgewezen. Dat doet pijn in de Amsterdamse buurten. Juist nu, in deze onrustige tijd, zou de gemeente een heel andere kant op moeten bewegen: de Stopera zou Amsterdammers echte invloed en zeggenschap in de stad moeten geven, in de vorm van reële financiële steun aan de wijkcentra.

De wijkcentra hebben een lange weg afgelegd. We herinneren ons de stad van voor 2000, veertien stadsdelen met veel buurtkamers, speeltuinverenigingen, bibliotheken en wijkcentra, waar jong en oud elkaar ontmoetten; hun buurt runden. Het ging goed en toch moest het anders. Marktwerking: het ging steeds meer om geld draaien. De meeste buurtcentra werden gesloten, vrijwilligers aan de kant geschoven en taken overgeheveld naar op efficiëntie gerichte en steeds grotere welzijnsorganisaties. Deze kregen een steeds groter budget van de overheid, waarbij er veel aan de strijkstok bleef hangen. Bestedingen van een te groot deel van het budget kwamen niet bij bewoners terecht, maar bij management en organisatie.

Participatiesamenleving

Sociaal-economische problemen van veel bewoners werden groter, dus deze vorm van beleid was het ook niet. Weer iets nieuws dan maar: de participatiesamenleving. In feite een bezuiniging: vrijwilligers moesten weer taken over gaan nemen en weer mee gaan doen. Op bestuurlijk niveau werd de macht in de stad gecentraliseerd naar de Stopera. Daar werd het allemaal vóór de burgers, niet mét burgers, bedacht.  Er bleven zeven stadsdelen over; stadsdeelbestuurders en -commissieleden kregen minder te zeggen; hielden uiteindelijk een adviserende taak over. Steeds meer bewoners gingen praten over ‘nepdemocratie’, en werden ontevredener over de gang van zaken. Twijfel rees meer en meer over de zin van, en het ­stemmen op, het uitgeklede bestuur van de stadsdelen.  

Een nieuwe herfst, nu in tijden van corona. Meer eenzaamheid, meer schuldenproblematiek en meer beroep op de voedselbanken. Al eerder werden in meerdere stadsdelen door wijkcentra en bewonersorganisaties zogeheten burgertops georganiseerd. Veel oplossingen voor problemen in de buurt werden door bewoners aangedragen. Helaas werd er te weinig opgepikt. Veel ambtenaren vinden het lastig als bewoners op de stoel van ‘de’ politiek gaan zitten, zo lijkt het.

Nieuwe bezuinigingen

Waarom eigenlijk? Bewoners zien vaak hoe het in hun eigen buurt anders, sneller en beter georganiseerd kan worden. Nu lijkt het antwoord: nieuwe bezuinigingen. Het stads­bestuur bedacht waar, hoe en hoeveel. Burgers staan vooral buitenspel. Dit is helemaal in strijd met de logica van het groter maken van de kring bij het oplossen van problemen. Meer directe invloed geven aan denkers en doeners in de wijken en buurten.

Deze week buigen leden van de gemeenteraad zich over de kwestie. Hoe groot is de moed van de gemeente om nu eindelijk goed te snijden in de wildgroei van het eigen vlees? Snijden in een inefficiënt opererend ambtenarenapparaat. Buurtmanagers zouden de ogen en oren van de wijk moeten zijn, maar halen informatie op bij vrijwilligers die in wijkcentra bij elkaar komen. Heeft de Stopera de moed om meer vertrouwen en meer middelen aan de echte ogen en oren van de buurten te geven? Aan het handjevol wijkcentra dat tussen alle bezuinigingsstormen door wist te overleven.

Worden er nog handen en voeten gegeven aan de mooie woorden over ‘democratisering en participatie’ van het collegeakkoord? Krijgen Amsterdammers meer middelen om zélf de schouders eronder te zetten om uit de crisis te komen? Ik hoop het.

Ellis Kramer

Historica, was onder meer werkzaam als docent geschiedenis in het voortgezet onderwijs en is nu vrijwilliger bij meerdere buurtinitiatieven in De Pijp.  

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden