Beeld Artur Krynicki.

Gaan mijn kinderen straks nog naar Artis?

Plus Art Rooijakkers

De tweeling Puk en Keesje, geboren in 2017, zijn kinderen van de 21ste eeuw. Wat houdt dat in en hoe ziet hun leven straks eruit? Vader Art Rooijakkers gaat op onderzoek uit. Vandaag: gaan ze met hun kinderen nog naar Artis?

‘Waarom ­zitten die dieren eigenlijk opgesloten?” hoorde ik bij het leeuwenverblijf in Artis een ventje aan zijn vader vragen. Zodat wij naar ze kunnen kijken, was het antwoord. Het leek afdoende, maar misschien is dat over een paar jaar wel anders. Circusdieren verboden, bio-industrie onder vuur; wie weet roepen mijn dochters me later ter verantwoording over ons wekelijkse dierentuinbezoek.

Pim Martens, die vanuit de Universiteit Maastricht duurzame mens-dierrelaties onderzoekt, zou er niet van opkijken. “Ik vind het niet te verantwoorden dat we levende wezens die kunnen denken en voelen voor ons eigen vermaak opsluiten.” Al is dat niet het hele verhaal, erkent de professor ‘dierzaamheid’. “Bioloog Frans de Waal heeft gezegd dat het als orang-oetan misschien veel beter toeven is in een dierentuin dan in het wild. Je krijgt je natje en je droogje en je leefgebied wordt niet elke dag kleiner gemaakt met een bulldozer.”

Dierentuinexpert Goof Lukken van Breda University merkt dat steeds meer van zijn studenten zich afvragen of dierentuinen nog wel kunnen. “Je kunt wel zeggen: ‘we stoppen ermee’, maar wat doe je dan met de dieren? Die kunnen moeilijk terug naar Afrika. Je zult, vanwege de levensduur van de meeste dieren, dus nog zeker 10 tot 15 jaar dieren in gevangenschap zien. Dat is een simpel rekensommetje.”

Volgens Lukken zijn we in Nederland ruim voorzien met 13 officiële dierentuinen en zo’n 65 attracties met dieren, zoals reptielenparken. Die doen meer dan de 10,5 miljoen bezoekers per jaar een leuk dagje uit bieden: educatie, ­wetenschappelijk onderzoek, fokprogramma’s. Toch kan het snel gaan qua beeldvorming. “Je ziet nu discussie opkomen over dolfinaria, België denkt erover na om die te verbieden. Dat is een eerste stap. De volgende discussie zal mogelijk gaan over dieren die in het wild grote afstanden afleggen, zoals olifanten.”

Aan de andere kant: dat ik mijn dochters een olifant kan laten zien op nog geen kwartier van mijn huis, zorgt ervoor dat ze het dier met enige ­regelmaat zien en – maak ik mezelf wijs – leidt ertoe dat ze meer begaan zijn met de natuur.

Dat laatste blijkt ook uit onderzoek, zegt Pim Martens. “Al kan dat ook op een andere manier. Ik heb de BBC-documentaire Blue Planet op groot scherm gezien in Ahoy en dat was indrukwekkender dan welke dierentuin dan ook.”

Goof Lukken is ervan overtuigd dat dieren­tuinen nog lang onderdeel blijven van onze ­cultuur, omdat de afstand tot de natuur door verstedelijking steeds groter wordt, maar we toch dieren willen zien. Ze zullen wel met de tijd mee moeten gaan.

“In Azië worden al de eerste testen gedaan met digitale dierentuinen. Dankzij virtual reality en hologrammen heb je daar ervaringen die onmogelijk zijn in een traditionele dierentuin. Bij orka’s in het water springen bijvoorbeeld. Je levert in op echtheid, maar het geeft wel een wowmoment. Met zulk edutainment kunnen dierentuinen laten zien hoe belangrijk en mooi de natuur is.” Precies de reden waarom ik dit weekend met mijn dochters weer naar Artis ga. Lekker aapjes kijken. Met orka’s zwemmen lijkt me nog wat eng. Ook voor hun vader.

Voor deze rubriek werkt Art Rooijakkers ­samen met studenten (Condor) van de Fontys Hogeschool Journalistiek in Tilburg.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden