Nico Dijkshoorn. Beeld Artur Krynicki
Nico Dijkshoorn.Beeld Artur Krynicki

Even helemaal niets over politiek, ziekte en vaccinatie. Ik verlangde naar Amsterdams gelul

PlusNico Dijkshoorn

Gisteren had ik zin in Amsterdammers. Mannen en vrouwen die tegen je aan gaan staan lullen over iets unieks. Amsterdammers doen dat. Je gaat ergens in de buurt van de Jordaan voor een willekeurig object staan en binnen een minuut staat er een Amsterdammer uit te leggen waar je naar kijkt.

“Dat heb je nergens. Uniek. Jij kan er nu wel naar gaan staan kijken, maar begrijpen ga je het niet, pik. Ja, kan je met je ogen gaan staan rollen, maar ondertussen begrijp je er geen moer van. Dat komt omdat jij bent opgegroeid tussen koeien. Amsterdammers wonen in huizen met een trap waar je van af kan flikkeren. Dus waar jij nu naar kijkt, dat ga jij nooit begrijpen, omdat je geen grachtenwater in je lijer hebt. Wat heb jij nou voor schoenen aan? Moet je die dragen van de dokter?”

Dat wilde ik. Even helemaal niets over politiek, ziekte en vaccinatie. Ik verlangde naar Amsterdams gelul. Dus reisde ik gistermiddag naar de Elandsgracht en ging naast een beeld van Manke Nelis staan. Meteen was het raak. Binnen een minuut stond er een man naast me.

Hij had lang wit haar en zijn stem klonk als een lege accu. Daar ging hij. “Wat valt je op? Ik dacht, ik zie je staan kijken, ik denk: die gek weet helemaal niet waar hij naar kijkt. Heb jij enig idee waar jij naar kijkt, met je hoofd?”

Ik keek naar het vastgeschroefde plaatje onder de voeten van het beeld. “Manke Nelis,” zei ik. “Ja,” zei de man. “En wat valt je op?” Ik keek. “Hij speelt op een bas.” Dat was duidelijk niet het goede antwoord. “Kijk nou godverdomme eens uit die boerderijoogjes van je en daarna pas gaan lullen.”

Ik zei: “Hij mist een been.” De man gaf me een hand. “Heb je het ook door? Ja, hij mist een been. Probeer dat maar eens, op één been bas spelen. Dat lukt je niet. Dan lazer je om. Maar Nelis kon dat. Zijn stomp gaf het ritme aan. Met je ogen dicht hoorde je nog dat hij maar één been had. Echte Amsterdammers konden daar om janken. Al die pijn, dat je je iedere ochtend de tering schrikt omdat je een been mist, dat zit allemaal in die muziek.”

Hij wees naar een ander beeld. “En die?” Ik las het naamplaatje. “Virtuoos accordeonist Johnny Meijer.” Ik wachtte geduldig op de uitleg. “Kijk dan, met tien vingers tegelijk en lachen met een sigaret in je smoel. Doe het maar eens.”

Nico Dijkshoorn schrijft twee keer per week een column voor Het Parool, en spreekt zijn bijdragen ook in.

Reageren? n.dijkshoorn@parool.nl.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden