Erik Jan Harmens. Beeld Artur Krynicki
Erik Jan Harmens.Beeld Artur Krynicki

Ergens lijkt leven in zo’n desolate wereld me heerlijk

PlusErik Jan Harmens

Pas op, schokkende beelden, lees je vaak op websites. Het lijkt een waarschuwing, maar het is een lokkertje. Veel mensen lijden aan ‘morbide nieuwsgierigheid’. Om die te bevredigen was je vroeger aangewezen op morsige snuff films, nu hoef je alleen maar op je browser te klikken. Vechtpartijen, verkrachtingen, martelingen: content is king. Wat mij verbaast is dat mensen die naar die schokkende beelden kijken vervolgens gewoon naar de kaasboer lopen voor een kilo Maaslander. Als wordt gevraagd of het een onsje meer mag zijn, vallen ze de middenstander niet aan met een kettingzaag, maar antwoorden ze: “Geen probleem.”

Ik zag een keer per ongeluk een filmpje van een op zijn knieën gezeten man in oranje overall met achter hem een in het zwart gehulde strijder die een reusachtige sabel in de lucht hield. Toen hij met zijn vrije hand het hoofd van de ongelovige vastpakte, klikte ik meteen weg en deletete ik ook mijn surfgeschiedenis, zodat er geen spoor meer van op mijn laptop te vinden zou zijn. Van wat ik had gezien ben ik niettemin dagenlang ziek geweest.

Ik ben fan van de tv-serie The Walking Dead, al is fan een groot woord, want het script rammelt als een oude fiets en na de honderdste zombie weet je het wel. Waar ik vooral voor kijk zijn de beelden van verlaten wegen, woningen en winkels. Ergens lijkt het me heerlijk om in zo’n desolate wereld te leven. Gezellig is het niet, maar daar staat tegenover dat er geen conflicten zijn, geen misverstanden, geen aanvaringen. Geen plotseling geschreeuw of getoeter, geen gepingel uit telefoons, geen mensen die als lama’s op straat kwatten, geen tuig dat recht op je af loopt en niet wil wijken, geen kinderen jengelend om een ijsje met discodip. In de wereld van The Walking Dead zijn er vooral wandelende doden. Die zijn niet leuk, maar vaak toch leuker dan de levenden.

Onlangs begon ik aan het zevende seizoen en zonder te spoilen zit er aan het begin een scène zo gruwelijk dat ik graag had gehad dat ik er niet naar had gekeken. In foetushouding op bed gelegen prevelde ik ‘het is maar een serie’, maar de beelden op mijn netvlies waren onuitwisbaar. Dat kun je ook beschouwen als een compliment voor het hoofd grime. Die heet Greg Nicotero en toen de aflevering vijf jaar geleden in Amerika werd uitgezonden waren er meer mensen die niet konden verdragen wat ze hadden waargenomen. In reactie op boze mailtjes stelde Nicotero dat de schokkende beelden nodig waren geweest om de kijker te doordringen van de slechtheid van de badguy met zijn in prikkeldraad gewikkelde honkbalknuppel. Dat is gelukt, maar ik had het nooit willen zien en nu kan ik het niet meer ‘ont-zien’.

Erik Jan Harmens (1970) is schrijver en dichter. Hij schrijft elke week een column over prikkels en andere zaken.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden