Plus Column

Er zijn bloemen en roze champagne en applaus

Pepijn Lanen Beeld Corné van der Stelt

De taxi zet ons af in Osdorp en we kunnen de ingang niet vinden. We lopen over een plein omringd door verlaten winkel­panden. We passeren een muziekschool en een cultuurcentrum voordat we rechtsomkeert maken en besluiten misschien de verkeerde hoek om te zijn gegaan.

Voor de deur ligt een rode loper. De poster met de poppenversies van Ollie, Fred, Bas en mezelf torent erbovenuit. Bas eet in de artiestenfoyer een pasta met sinaasappel en Parmezaanse kaas en weet zelf ook niet zo goed wat hij ervan vindt.

Hij heeft een blad over tweedehands Japanse auto's voor me meegenomen en wijst de Toyota Chaser aan als geschikte eerste auto voor mij en mijn gezin. Ik zie het wel zitten.

We gaan in de hal op de foto voor de fotografen die zijn gekomen en allemaal verrassend hetzelfde type zijn - behalve één, die geen sokken aan heeft getrokken, maar wel schoenen. De bezoekers en genodigden druppelen langzaam binnen en we drinken een glaasje champagne.

Voor de voorstelling is het gebruikelijk om de cast een presentje te presenteren voor geluk en dus krijgen ze van ons de kerst-cd van Frans Bauer met handtekening van De Jeugd.

We schuiven weer de lobby in en ik zie allemaal familie en vrienden die ik een tijd niet gezien heb. Ik ben lang weggeweest merk ik. Er wordt gepraat over een dinertje waar ik niet bij was, maar gelukkig denken ze dat ik er wel bij was.

We zitten in de zaal en tussen het lachen door verwonder ik me over hoe het van een grove schets, met de hand geschreven op een A4'tje, dit is geworden. Vol overtuigde acteurs en een gigantisch decor met allerlei bewegende delen en dan ook nog een zaal vol met mensen die bereid zijn aan te horen wat er te melden is.

Na afloop tref ik Victor in zijn eentje in de rookruimte en hij zegt dat hij het echt heel tof vond. Dat hij in het begin even sceptisch was, maar echt hard heeft gelachen. Dan besef ik dat ik toch wel zenuwachtig was over hoe men, mijn eigen men, het zou ervaren.

Er zijn bloemen en roze champagne en applaus. Mijn moeder vraagt of ik tegen Hans van Willigenburg wil zeggen dat ze hem heel grappig vond. Na een tijdje besluit ik dat het nu het feestje van de acteurs is en we nemen een taxi terug.

De chauffeur vraagt of het een leuke voorstelling was en ik zeg dat ik hoop van wel, omdat ik er aan geschreven heb. "Je jokt," zegt hij en we rijden de nacht in.

Pepijn Lanen (1982), ook bekend als Faberyayo, is rapper, schrijver en tekstschrijver van onder meer De Jeugd van Tegenwoordig en LeLe. Elke zaterdag schrijft hij een column voor Het Parool. In het archief lees je ze allemaal terug.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden