Beeld Artur Krynicki.

Er moet meer leven in het heelal zijn, maar waar?

Plus Art Rooijakkers

De tweeling Puk en Keesje, geboren in 2017, zijn kinderen van de 21ste eeuw. Wat houdt dat in en hoe ziet hun leven straks eruit? Vader Art Rooijakkers gaat op onderzoek uit. Vandaag: ontmoeten mijn dochters een alien?

Dit is een verhaal over hopeloze ­naïviteit, navel­staren en perspectief. En het begint met een simpele rekensom: mijn dochters hebben statistisch gezien nog een eeuw te gaan, ik hooguit een jaar of vijftig. De kans dat zij een alien ontmoeten is dus stukken groter omdat ze veel meer tijd hebben dan ik. Tenminste, dat is de theorie van deze alpha.

Hoogleraar theoretische sterrenkunde Vincent Icke, die het liever over exoburen heeft dan over aliens ‘vanwege het bruut-negatieve imago van die term’, vermaakt zich met mijn denkwijze. Maar toch: “Ik geef je dochters 50 procent kans dat sterrenkundigen tijdens hun leven ergens in onze Melkweg sporen van eencellig leven ontdekken en een tot twee procent kans dat er bewijs komt van intelligent leven.”

Icke baseert dit op onze aardse bedrijvigheid die goed zichtbaar is in het heelal. “In mijn boek Reisbureau Einstein geef ik als voorbeeld dat de landingsradar van Schiphol in de hele Melkweg zichtbaar is. Die staat weliswaar pas vijftig jaar aan, maar in een straal van 50 lichtjaar kan iedereen ons dus gezien hebben.”

Net als Icke is natuurkundige en wetenschapsjournalist Anna Gimbrère ervan overtuigd dat er meer leven is dan het aardse. Met zoveel mogelijkheden daarginds – voor elke mens op aarde zijn er honderd planeten in de Melkweg – moet ergens intelligent leven zijn ontwikkeld. “Maar het is natuurkundig onmogelijk om met gewone raketten binnen een mensenleven bij de volgende ster te komen en daar leven te zoeken, omdat de afstand te groot is.”

Dus blijft de vraag die natuurkundige Enrico Fermi in 1950 stelde nog steeds onbeantwoord: waar is iedereen? Volgens hem moet het in het universum krioelen van intelligent buitenaards leven, maar tientallen jaren speuren in het Melkwegstelsel heeft niets opgeleverd. Zie daar de Fermi Paradox. “Alhoewel er ook een theorie is dat ‘ze’ ons al gezien hebben, maar niet geïnteresseerd zijn omdat wij een te simpele beschavingsvorm zijn en er een potje van maken. En dat terwijl wij nogal een hoge pet van onszelf op hebben,” aldus Gimbrère.

De Amerikaanse sterrenkundige Carl Sagan zei het naar aanleiding van de beroemde pale blue dot-foto van de aarde, gemaakt door de Voyagermissie, nog poëtischer, lees ik in de krant: “De aarde is een heel klein podium in een uitgestrekte ­kosmische arena. Al onze aanstellerij, onze ingebeelde belangrijkheid, de misvatting dat we een soort bevoorrechte positie in het universum hebben… dat wordt allemaal aangevochten door dit ijle puntje licht.”

Terug naar het einde van het betoog van Vincent Icke, die in nog geen vijftien minuten zoiets groots als het mysterie van het universum begrijpelijk onder woorden weet te brengen. “De kans dat uw dochters exoburen zullen ontmoeten lijkt me nihil. Er is hier niets voor ze te halen. Er wordt wel eens gezegd dat ze onze olie en andere grondstoffen kunnen komen halen, maar dat is onzin. Een beschaving die door de Melkweg kan reizen kan makkelijker zelf een planeet maken dan ons leegroven.”

Voor deze rubriek werkt Art Rooijakkers ­samen met studenten (Condor) van de Fontys Hogeschool Journalistiek in Tilburg.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden