null Beeld Artur Krynicki
Beeld Artur Krynicki

Er moet een tafeltennisvereniging komen in Amsterdam-Noord

PlusMassih Hutak

Ergens in een ver verleden was ik een groot tafel­tennistalent. Ik realiseer me dat ‘een ver verleden’ voor iemand die nog geen dertig is nogal overdreven klinkt. Maar we hebben het toch over bijna twintig jaar geleden. In die tijd was ik als kleine jongen zeven dagen per week te vinden bij mijn club Amsterdam ’78, op de Overtoom.

Wij woonden toen nog in Osdorp en tram 17 bracht me van deur tot deur. Ik was in die tijd net zo vaak te vinden in de voetbalkooi op het Louis de Visserplein als in het Vondelpark. Elke dag, dus. Op het voetbalplein zijn was een excuus om tussen de stoere jongens te zijn en me groot te voelen. En naar de tafeltennisclub gaan was een excuus om dicht bij het centrum te zijn en het idee te hebben dat ik hoorde bij de grote wereld.

Tussen het Louis de Visserplein en het Vondelpark door stond ik achter de tafel met mijn batje in de hand, verend op m’n voeten, het gewicht wisselend van been op been, altijd klaar in de houding voordat de bal terugkwam. Als welp was ik zelfs Nederlands kampioen en als pupil speelde ik landelijk B met jongens van in de twintig. Met dank aan mijn trainers Judy en Iana die ondanks mijn puberende wangedrag geloof hielden in mij en mij pushten om me te blijven focussen.

Vandaag de dag besef ik dat meer dan de bekers die ik toen won en de bevestiging die ik kreeg het belangrijkste dat tafeltennis mij geleerd heeft, is hoe je te concentreren. Hoeveel potentie je ook hebt, als je nooit leert hoe je je aandacht bij één ding moet houden om iets goed te doen, hoe je vervolgens ge­disciplineerd werkt om daar beter in te worden door alsmaar dezelfde beweging en herhaling te doen totdat het je tweede natuur wordt en je leert om af te maken waar je aan begint, kun je nooit helemaal tot bloei komen.

Deze week trainde ik voor het eerst weer sinds bijna twintig jaar, in een keldertje in Amsterdam-Noord waar precies één tafel past. Tegenover mij stond niemand minder dan Bettine Vriesekoop aanwijzingen te geven. Zowel de ruimte als de training kwamen uit de koker van Joop, een van de meest inspirerende en intrigerende Noorderlingen die er bestaan.

Joop heeft een droom en na deze week ik ook. Er moet een tafeltennisvereniging komen in Amsterdam-Noord. Waar we kinderen en ouderen leren stevig in hun schoenen te staan en tegelijkertijd flexibel te zijn. En waar we mensen leren dat een ander niet altijd jouw ritme en tempo bepaalt. Maar dat je zelf de regie kunt nemen. Als je maar focust.

Wie doet er mee?

Rapper en schrijver Massih Hutak (1992) schrijft elke week een column voor Het Parool. Lees al zijn columns hier terug.

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden