Opinie

'Egoïstische zelfpulp verlokt te veel schrijvers'

Schrijver Peter Lenssen signaleert een overdaad aan literatuur gebaseerd op persoonlijke verhalen en roept zijn collega's op tot bezinning.

Omdat alles waar gebeurd moet zijn, poseert Murat Isik op foto's in de Bijlmer Beeld Marc Driessen

Wat is er toch aan de hand in literair Nederland? Steeds meer auteurs lijken gegijzeld door de gedachte dat wat berust op een waar gebeurde geschiedenis per definitie beter is, waarachtiger, dan wat puur aan de verbeelding is ontsproten (fictie).

De trots en overtuiging waarmee wordt vermeld dat iets waar is gebeurd, doet bijna kinderlijk aan. Kijk de flappen van veel boeken er maar op na. Zie de advertenties waarmee uitgevers om aandacht schreeuwen. Echt gebeurd! Gebaseerd op een waargebeurd verhaal! Dit is me overkomen! Luister naar me! Lees me! Alsof een roman waarbij dat fundament ontbreekt tekortschiet.

Neem als voorbeeld Wees onzichtbaar, de roman van Murat Isik die onlangs de Libris literatuurprijs won. Over een Turkse jongen die ­opgroeit in de Bijlmer en zijn tirannieke vader. Gebaseerd op zijn eigen jeugd.

Het wordt je op allerlei manieren opgedrongen nog voordat je een letter gelezen hebt. Of de Volkskrant over De avond is ongemak van Marieke Lucas Rijneveld: 'Over haar niet eenvoudige jeugd met gereformeerde ouders en een vroeg overleden broer.'

Neem Jan Siebelink, die tobt met een zwaar gelovige vader en dat in veel van zijn romans in allerlei varianten uitvent. A.F. Th. van der Heijden die in Tonio het leven van zijn verongelukte zoon beschrijft. Alfred Birney met De tolk van Java. Veel schrijvers trappen in dezelfde valkuil. De lijst is eindeloos.

Publieke emotionele striptease
Literatuur is geen geïsoleerde kunstvorm die losstaat van maatschappelijke ontwikkelingen. Ik kan niet ontkennen dat in deze maffe tijd veel mensen zich te buiten gaan aan het tentoonstellen van persoonlijke ellende, publieke emotionele striptease en onbeschaamde egotripperij.

Er is een heftige hang naar biechten in het openbaar, met de navel als epicentrum van de wereld. Men hunkert naar leedvermaak om andermans ongerief, onheil en onbenul.

En toch, het intrigeert me dat schrijvers massaal daarin meegaan. Wat is het dat zoveel auteurs drijft tot persoonlijke ontboezemingen die soms tenenkrommend confronterend, soms kinderlijk banaal, dan weer ontluisterend beschamend zijn?

Behalve het behagen van op sensatie belust lezerspubliek dwingt niets ertoe. Je zou de betreffende auteur willen toeroepen dat hij of zij beter niet voor de spiegel gaat staan en zich zo te kijk zet. Je zou hem of haar in bescherming willen nemen. Doe dat niet. Dit moet je niet willen.

Roman als wraakoefening
Nog erger: wat is het dat auteurs in die obsessieve, exhibitionistische drang beweegt om naasten, vrienden, partners als personage op te voeren en daardoor vogelvrij aan de buitenwereld prijs te geven, te exploiteren en te beschadigen? Sommigen gebruiken hun romans zelfs als wraakoefening.

Koppel persoonlijke geschiedenis aan het predicaat literatuur, dan mag alles, dan heb je onder het mom van 'kunst' vrij spel, dan heb je het recht om anderen tot object te maken, te vernederen tot een gewillig romanpoppetje.

En mocht iemand die zich in een van die personages herkent, protesteren, omdat hij het niet op prijs stelt zo te kijk te worden gezet, dan voert de auteur aan dat een romanpersonage, hoeveel hij of zij ook lijkt op die levende persoon, tóch een romanpersonage is. Want op het omslag staat niet alleen dat het verhaal op waargebeurde feiten berust, maar ook dat het een 'roman', dus een kunstvorm, betreft. Tja, over wegduiken en gebrek aan verantwoordelijkheidsbesef gesproken.

Natuurlijk mag iedereen een verhaal schrijven waarin hij zichzelf prostitueert en te kakken zet. Het wordt alleen een beetje vervelend als het literaire landschap alleen nog maar bestaat uit die egoïstische zelfpulp. En waarom je naasten, geliefden, mensen die zich niet kunnen verweren 'gebruiken' voor een verhaal dat alleen maar jezelf ten goede komt? Tja, beste collega's, laten we daar op zijn minst eens met zijn allen over nadenken.

Peter Lenssen, schrijver van de romans ­Bitterdagen en ­Pleisterplaats Belleville, ­genomineerd voor de Halewijnprijs 2018
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden