Maarten Moll. Beeld Sjoukje Bierma
Maarten Moll.Beeld Sjoukje Bierma

Eenzaam sjokte olifant Hansken door Europa

PlusMaarten Moll

Diep in Frankrijk, in een snikhete circustent, zag ik ooit een olifant.

Na het slangenmens was dat.

Een kleine olifant zonder slagtanden. De meiden ­vonden het een zielige olifant, en dat was het ook. Ze werd als Coco aangekondigd, en ze schopte tegen een grote plastic strandbal. Pas na de vierde keer wist Coco de bal in een doeltje te werken. We klapten toch maar.

Ze droeg een rode feesthoed, en ze hadden glitters op haar kop geplakt.

Er volgen nog wat trucjes, die niet allemaal lukten.

Uit de grote toeter kreeg ze geen geluid.

Een woord: mistroostig.

Zaterdag, op de eerste dag dat de musea weer opengingen, fietste ik langs volle sportvelden en drukke terrassen naar het Rembrandthuis. Om een olifant te zien, een Aziatische. Hansken, die in 1637 door Rembrandt werd getekend met zwart krijt.

In het Rembrandthuis is nu de kleine tentoonstelling Hansken, Rembrandts olifant te zien.

Topstuk: de schedel van Hansken.

De tentoonstelling vertelt het verhaal van de olifant die het in haar leven ook niet makkelijk had.

Ze kwam als driejarige vanuit Ceylon naar Europa. Zeven maanden op een schip, ze zou nooit weer een soortgenoot zien. Eenzaam sjokte ze over het continent, met haar eigenaar op de rug. Van de Oostzee naar de Alpen, en eroverheen naar Italië om Rome te veroveren, in het spoor van de olifanten van Hannibal.

Overal werd deze tot slaaf gemaakte Hansken tentoongesteld en moest ze haar kunstjes doen.

Hansken kende 36 trucs, waaronder het zwaaien met een vlag, een muntje oprapen, dansen op trompetmuziek, schermen, en een geweer afschieten.

Dat kon Coco allemaal niet.

Coco doopte haar slurf in een bak water en spoot haar verzorger nat met een flauwe straal. Ik stootte een dochter aan, maar die moest er niet om lachen.

Hansken kon een dief aanwijzen in het publiek.

Ik stond voor de schedel van Hansken, die in een ­vitrine was geplaatst.

Ik dacht aan een alien uit de film Predator. (Waar bleef Arnold S.?}

De schedel van Hansken is een bruikleen van La ­Specola, het natuurhistorisch museum van Florence. De laatste stad die Hansken zag. Ze stierf er, pas 25 ­(Aziatische olifanten kunnen 70 worden) en volledig uitgeput en uitgebuit. Tijdens een optreden in Florence, op 9 november 1655 onder de spitsbogen van de ­Loggia dei Lanzi, een Tommy Cooperdood avant la ­lettre.

Ze is nog even, de gelooide huid en de botten, in het Uffizi tentoongesteld. De huid is later verloren gegaan. Helaas is in het Rembrandthuis niet te lezen welke truc Hanskens laatste was.

Hoe zou het met Coco zijn?

Maarten Moll schrijft over dagelijkse beslommeringen in de stad. Lees al zijn columns terug in het archief.

Reageren? m.moll@parool.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden