null Beeld Artur Krynicki
Beeld Artur Krynicki

Een waargebeurd verhaal over hoe ik ooit wraak nam

PlusTinkebell

Ik was vandaag voornemens om iets intelligents te schrijven over de avondklokrellen in de afgelopen dagen. Mogelijk hoopte ik gisteravond zelfs een fractie van een seconde dat de ontwikkelingen in onze stad nog verder zouden escaleren, zodat ik u dan nu kon imponeren met een waanzinnige analyse. Ik moet na een nacht slapen echter concluderen dat ik A, blij ben dat het betrekkelijk rustig is gebleven en er B, weinig intelligents te melden valt over dom groepsgedrag.

Daarom trakteer ik u vandaag op een waargebeurd verhaal over hoe ik ooit wraak nam.

Het gebeurde een kleine twintig jaar geleden. Kunstacademietijd. Ik verzamelde dode beesten van straat die ik in mijn diepvries bewaarde om op te zetten. Mijn toenmalige liefde en ik woonden net een paar weken samen in een appartement boven een café. Er was een extra slaapkamer die we niet mochten gebruiken. Die was bedoeld voor noodgevallen en er stonden wat spullen opgeslagen. Geen probleem. We kenden de bareigenaar en we waren blij dat hij het appartement aan ons had willen verhuren. Tot na een paar weken dus. Toen vertelde hij dat hij de helft van zijn zaak had moeten verkopen. Maar daar zouden we echt niets van merken. Die verkoop was ‘een formaliteit’.

Echter, de volgende ochtend, toen ik de badkamer inliep, stond daar ineens een wildvreemde man onder onze douche, die hard begon te schreeuwen dat ik op de deur had moeten kloppen. Deze man bleek de nieuwe eigenaar. En hij had die nacht besloten bij ons in te trekken.

Veel tijd om ons slechts druk te maken over dit badkamervoorval hadden we niet. Die middag ontstond een gevecht tussen hem en een aantal jonge mannen achter de bar. Een van die mannen rende naar boven terwijl ik net in de keuken stond. Hij duwde me weg, trok alle laden open, griste de grootste messen die hij kon vinden van tussen het bestek en rende weer naar beneden. Politie kwam. Toestanden.

We voelden ons niet meer veilig.

Noodgedwongen sliepen we in hotels tot we een nieuw appartement hadden gevonden. Toen we onze spullen kwamen halen, bleek er flink huisgehouden. En beneden achter de bar stond de nieuwe eigenaar ons letterlijk uit te lachen. Voor mij de spreekwoordelijke druppel.

Ik herinnerde me een enorme kraai die ik een paar weken daarvoor in de berm had gevonden. Het beest lag in de diepvries te wachten op een geniale artistieke ingeving. Dat moment was nu.

Ik sloop de slaapkamer van onze huisgenoot in en trok, onder zijn bed, een van de planken uit de houten vloer. Zorgvuldig stopte ik de kraai in het gat en timmerde de vloer weer dicht.

De verhuizing verliep soepel. Don’t fuck with The Tink.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden