Column

Een vrolijke slip ligt onbekommerd op mijn deurmat

James Worthy
null Beeld Agata Nowicka
Beeld Agata Nowicka

Het ligt er echt. Ik kan het aanraken. Dit keer is het geen droom. Het ligt half onder de Volkskrant, een krant die ik eigenlijk alleen nog maar lees omdat ik bang ben dat ik, wanneer ik mijn abonnement opzeg, niet meer bij het volk zal horen.

Het is een donkerroze vrouwenslip. De voorzijde is versierd met bloemenborduursels en een lila strikje. Het is een vrolijke slip. Onbekommerd ligt hij op de deurmat.

Ik loop de trap op, klop op onze deur en wacht tot mijn vrouw verschijnt.

"Er ligt een slip tussen onze post en ik weet niet zo goed wat ik moet doen. In films ruiken mannen met ­bijzonder veel enthousiasme aan het ondergoed van buurvrouwen of stiefmoeders, maar dat heb ik nooit gesnapt."

"Zit er een briefje bij? Er moet een briefje bijzitten," zegt mijn vrouw.

"Is dat de regel, ja? Staat dat in het handboek voor ­onderbroekenachterlaters? Is dat regel 4? Laat naast je soepelvallende hoge slip ook een boodschap achter?"

Ze loopt de trap af, gaat door haar knieën en zoekt tussen de brieven naar een aanwijzing. Ik ken haar al zes jaar, maar deze kant van haar kende ik nog niet.

Ze heeft speurzin. Als de bloedmooiste bloedhond snuffelt ze aan een envelop van het CJIB. Deze hele onderbroekensituatie haalt de onderste steen in haar naar boven.

"Hier! Ik zei het toch," ze heeft een hartvormig papiertje tussen een wijsvinger en een duim geklemd.

"Wat staat erop dan?"

"Lees zelf maar."

"Bedankt voor de columns. Dat staat er. Misschien weet de persoon in kwestie dat ik volgende week mijn vijfhonderdste column voor deze krant zal schrijven. Ik had liever geld gehad of een boekenbon als bedankje."

"Het volk waardeert je."

"Sinds wanneer ligt waardering in de ondergoedla?"

"Je ziet er verdrietig uit. Wat is er?" vraagt mijn vrouw.

"Zeven jaar geleden was ik single. Toen had ik vrouwenondergoed in de brievenbus nodig. Toen had ik bloemenborduursels nodig. Die stiksels hadden me lucht kunnen geven. Dit soort dingen komt altijd te laat. De spannendste dingen gebeuren altijd als de kaarsen net uit zijn gegaan."

Ze pakt de slip van de grond en inspecteert het ding zoals boswachters korstmossen inspecteren.

"Het is geen lelijke slip. Eerlijk is eerlijk, ik zou dit best kunnen dragen." Ze rent de trap op, gaat ons huis binnen en gooit de deur dicht.

Twee minuten later staat ze boven aan de trap in de donkerroze brievenbusslip.

"Dat gaat een tetanusprik worden," zeg ik enigszins van streek.

"Ach welnee, het prijskaartje zit er nog aan. Kijk dan, €16,99!"

Ze loopt ons huis binnen en maakt een gebaar dat ik haar moet volgen. Ik sjok de trap op en schop in de hal mijn schoenen uit. Met mijn linkerschoen schop ik een boodschappentas waar statiegeldflessen in zitten om. Een lege fles Orangina steekt als een periscoop boven de andere flessen uit. Land in zicht.

Mijn vrouw is niet in de huiskamer. Op de eettafel zie ik hartvormige papiertjes en een balpen liggen. Of zie ik die dingen toch niet liggen?

Liefde maakt blind. Ik ga naast mijn vrouw op bed zitten en samen kijken we met kapotte ogen naar de kaarsen die nooit zullen doven.

De in Amsterdam geboren en getogen schrijver James Worthy (1980) probeert in zijn columns iets van het leven te begrijpen. Lees al zijn columns hier terug.

james@parool.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden