Patrick Meershoek. Beeld Artur Krynicki
Patrick Meershoek.Beeld Artur Krynicki

Een van de onverwoest­bare verhalen over de beginjaren van de Bijlmer

PlusPatrick Meershoek

Het is een van de onverwoest­bare verhalen over de beginjaren van de Bijlmer, hoe De Telegraaf in 1971 over de Surinaamse nieuwkomers schreef dat zij gedreven door geldgebrek onkruid aten.

De anekdote doet al vijftig jaar de ronde als pijnlijk voorbeeld van het onbegrip en de onvriendelijkheid waarmee de Surinamers in Nederland werden ontvangen. Het onkruid in kwestie was zwarte nachtschade, een in het wild groeiende plant die de bladgroente levert die in Suriname bekend staat als goma wiri.

Hoewel ik in 1971 zelf nog als kleine jongen aan de andere kant van het land somber naar de andijvie op mijn bord zat te staren, moet ik mij in Surinaamse kring geregeld verantwoorden voor het artikel van mijn vakgenoot. Ik neem daar steeds ferm afstand van door te zeggen dat het een schande is en dat ik nergens meer van sta te kijken als het om misstappen van de concurrentie gaat.

Daarna neem ik uitgebreid de tijd om de voordelen te schetsen van een abonnement op deze krant. (En als u het gewoon laat doorlopen, hoeft u nooit meer te verlengen.)

Wat ik er uit strategische overwegingen nooit bij vertel, is dat het verhaal niet klopt. De Telegraaf publiceerde inderdaad op 9 september 1971 een paginagroot artikel over de komst van de Surinamers naar de Bijlmer, maar verslaggever Ron Govaars neemt het in zijn stuk juist nadrukkelijk op voor de nieuwkomers. Het verhaal over het eten van onkruid doet hij af als kwaadaardige roddel. Hij legt de lezers uit dat de bladeren van de goma wiri, gebakken of gekookt, aan de andere kant van de oceaan als bittere lekkernij worden geconsumeerd.

De kop boven het artikel is duidelijk afkomstig uit een journalistieke keuken waarin alleen met echte boter wordt gewerkt: Rassenprobleem op komst; wie doet er wat aan? Maar het verhaal sluit weer af met een persoonlijke noot van de verslag­gever die oproept te investeren in de inburgering van de Surinamers: ‘Er moet de vreemdeling in onze maatschappij geleerd worden, hoe de race om de welvaart gereden moet worden. Er zijn mensen die daarbij kunnen helpen, het begin van een organisatie is er. Geld ontbreekt.’

Geen misverstand: er zijn uit die jaren talloze voorbeelden te vinden van onbegrip, onvriendelijkheid en zelfs racisme en discriminatie. De anekdote van het krantenbericht over het eten van onkruid hoort niet thuis in dat gezelschap, en dus eigenlijk ook niet in het net ­verschenen advies over het slavernij­museum in oprichting. Maar dat is de ellende van onware verhalen die zich als waar hebben genesteld in het collectief geheugen: ze bestaan en er is geen kruid tegen gewassen. Ook geen onkruid trouwens, hoe smakelijk ook.

Patrick Meershoek is verslaggever van Het Parool en schrijft elke woensdag een column. Lees alle columns hier terug.

Reageren? patrick@parool.nl.

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden