Patrick Meershoek artikel roze groot Beeld Artur Krynicki

Een tiny house op twee meter diepte

Plus Patrick Meershoek

Ik wens iedereen een lang en gelukkig leven toe, in het bijzonder de (betalende) abonnees van deze krant. Maar onvermijdelijk komt voor ons allen ooit het moment om het anker te lichten en het vaantje te strijken voor de reis naar gene zijde.

Het goede nieuws is dat het leven in Amsterdam na de dood aanmerkelijk goedkoper is dan daarvoor. De raad stemde deze week in met de nieuwe tarieven voor de begraafplaatsen en van die prijzen hoeft niemand ­wakker te liggen.

Voor een bedrag van tussen de 3000 en 4000 euro kunnen we op een van de Amsterdamse begraafplaatsen twintig jaar van onze welverdiende rust genieten. Op de Zuidas huur je daar twee maanden een appartementje voor.

De gunstige prijzen maken duidelijk dat de vastgoedsector het loerend oog nog niet heeft laten vallen op de dodenakkers. Er waren ook geen verontwaardigde insprekers om te klagen over de verspilling van de kostbare vierkante meters.

We mogen niet uitsluiten dat daar in de nabije toekomst verandering in komt en onze laatste rustplaats gewoon in de markt wordt gezet als een tiny house op twee meter diepte – een ­buitenkansje voor de verwende rustzoeker.

Een van de merkwaardige ­erfenissen van de Bijlmerramp is een schapenweitje achter de begraafplaats Sint Barbara, een kavel die wordt vrijgehouden voor het geval Amsterdam nog eens door een ramp wordt getroffen.

In deze tijd denk je dan vooral aan een terroristische aanslag of een rollende keuken die zijn zaakjes niet op orde heeft. Laten we vooral hopen dat de schapen er nog lang en ongestoord ­kunnen grazen.

In de 17de eeuw vielen de Amsterdammers bij bosjes door de pest. Buiten de stad werd een pesthuis ingericht, waar de ­duizenden zieken met de boot heen werden gebracht.

Het moet daar de hel op aarde zijn geweest. De verpleegkundigen voeren nu actie voor 5 procent meer, maar de ziekenzorgers in het pesthuis verkochten het eten van patiënten om in hun levensonderhoud te voorzien.

Na de dood van de zieken werd hun leven niet veel beter: de stoffelijke resten werden in een diepe kuil geworpen en over­goten met ongebluste kalk. Goed, je bent dood en je hebt niks te willen, maar leuk is anders.

Er gaat nu een wild gerucht in de buurt van het voormalige Wilhelmina Gasthuis dat om­wonenden bij de uitbreiding van hun woning met een souterrain de beenderen zijn tegengekomen van een overleden patiënt uit die tijd.

Ik had te doen met de bewoners, maar was blij voor de pestlijder. Hij was eeuwen geleden levenloos en liefdeloos in een kuil geworpen, maar woonde nu plotseling in bij een, stel ik me voor, succesvolle durfkapitalist en zijn gezin.

Moge dat tot troost zijn van de toekomstige bewoners van het rampenveldje in het Westerpark. Het is even slikken, maar een paar eeuwen later lig je in een prachtige woning en lacht het leven je weer toe.

Patrick Meershoek is verslaggever van Het Parool en schrijft elke woensdag een column. Lees alle columns hier terug.

Reageren? Mail naar patrick@parool.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden