Jessica Kuitenbrouwer.Beeld Artur Krynicki

Een sliert mensen op surfplanken door de grachten

PlusJessica Kuitenbrouwer

‘Suppen, heet dat.”

Katie beantwoordt mijn vraag voor ik hem kan stellen. We zitten aan het water en zien in de verte een sliert mensen op surfplanken aankomen. Met een peddel duwen ze zichzelf voort. Links, rechts, links, rechts.

Sinds maart zie ik ze steeds vaker, suppers. De eerste weken waren het vooral sportieve types, met praktische kleding en een keurig rechte houding. Moeiteloos ­gleden ze door de grachten, hun voeten nog geen vijf centimeter boven het water. Meestal alleen – nog even ’s avonds na het eten wat bewegen, of juist ’s ochtends vroeg in de vredige stilte het water op.

Nu het drukker is op straat, zijn deze profi uitgeruste trendsetters alweer opgevolgd door gewone recreanten. Kakelend, en altijd samen, wiebelen ze over het water.

Waarschijnlijk zagen ze iets romantisch in die dappere waterpioniers en deden ze een impulsaankoop met hun net gestorte vakantiegeld, bedwelmd door de fantasie van een sportieve en ervaringrijke zomer in eigen stad.

“Ze waren in de aanbieding bij de Action. 130 euro, geloof ik. Dat zijn die felblauwe die je daar ziet.” Katie wijst over het water. “De ellende is alleen dat die dingen van de Action niet zoveel gewicht kunnen dragen. Die zijn leuk voor iemand van zestig kilo; paar kilo meer en je staat alleen maar te stunten.”

Tegenover ons dragen twee vrouwen in alledaagse kantoorkleding een legergroene opblaaskano naar het water.

“Die dingen vertrouw ik niet,” zegt Katie. “Hoe kan zo’n opblaasding nou twee mensen dragen?”

Op mijn smartphone zien we dat een opblaaskano maar 150 euro hoeft te kosten, wat ook mij weinig hoopvol stemt over de betrouwbaarheid van dit vaartuig.

“Eén verkeerde beweging en je ligt in dat smerige water tussen de fietsen en de vermiste toeristen,” bibber ik.

De sliert koerst in aardig tempo af op de brug waar Katie en ik naast zitten, maar moet voorrang verlenen aan een rondvaartboot, die er onmogelijk gigantisch uitziet naast de onbeschermde suppers op hun surfplankjes. In het spoor van de kolos deinen ze gevaarlijk heen en weer. Eén van hen slaakt een gilletje, een ander kreunt. Water klotst over hun voeten en ín de opblaaskano van de kantoordames, die vieze gezichten trekken en verwijtende gebaren maken naar de rondvaartboot.

“Toch wil ik het nog wel een keer doen, dat suppen,” mijmert Katie. Met een beladen blik probeer ik haar nog op andere gedachten te brengen, maar ze begint te lachen en geeft me een speelse duw.

“Ja, Jess! Dat is leuk! Ah toe?”

Jessica Kuitenbrouwer (1993) is schrijver, ­columnist en audioproducer. Ze schrijft deze zomer over haar leven in de binnenstad.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden