Marjolijn de Cocq.Beeld Artur Krynicki

Één keer in de week mag ik eventjes naar de krant

PlusMarjolijn de Cocq

Ik ben een gedoogconstructie. Dat komt: ik mag nu eigenlijk helemaal niet op de redactie zijn. Ik werk vanuit de slaapkamer, op de ‘NOOD COMPUTER T.B.V. Corona thuiswerkplek’, zoals het opbeurende stickertje onderaan mijn scherm vermeldt. Maar één keer in de week, heel eventjes, mag ik naar de krant.

Veel boeken die verschijnen, worden nu naar mijn huisadres gestuurd. Dat hou ik wel een beetje af, want met twee of drie pakketten door de brievenbus kan de voordeur van buitenaf niet meer open. En dat zijn nog maar de brievenbusboeken – want onze trouwe pakket­bezorger staat nu ook elke dag voor de deur met dozen boek. Evenzoveel boeken worden nog naar de redactie gestuurd. De chef kunstredactie, elke ochtend vroeg wel paraat, pakt de boeken uit, fotografeert de stapel en appt – zodat ik het gevoel heb dat ik de boel nog een beetje onder controle kan houden.

Toch zijn er nog altijd boeken die ik thuis krijg die ik niet thuis wil hebben en boeken die naar de redactie zijn verstuurd, die ik thuis nodig heb. Elke vrijdagmiddag, rond de klok van drie, wandel ik dus met een rugzak vol boeken naar de Jacob Bontiusplaats, de woningen in aanbouw zijn er elke week weer een stuk hoger. Op de redactie sorteer en selecteer ik en werk ik de overtollige boeken weg in een uitpuilende kast. Op mijn vroegere werkplek staat een rood kruis, alle bureaus zijn door een schoonmaakbedrijf leeggemaakt en de persoonlijke bezittingen zijn weggeborgen in dozen – flexplekken worden het nieuwe normaal als we straks, ooit, weer in een iets hogere bezetting samen aan de slag kunnen.

Dat ‘samen’: het begint nu wel te knagen in alle allenigheid. Dat je zelfs de kantoorhumor een beetje begint te missen (let wel: een beetje). Gelukkig was er de afgelopen week een shotje, met een hangoutvrijmibo inclusief coronaquiz, georganiseerd door verslaggevers Raounak Khaddari en Paul Vugts.

Als ik komende vrijdag op de redactie kom voor mijn boekentransacties, zo zie ik op de foto’s in de dagelijkse nieuwsbrief van de hoofdredactie, zijn er looproutes aangelegd. De binnenkomst gaat alleen nog via de hoofdingang en de uitgang is ‘achterin’, naast de keuken.

Er zijn afstanden gemarkeerd en pijlen aan­gebracht, voor als we in de zomerperiode misschien met twaalf à vijftien mensen tegelijk mogen werken. ‘Onze ruimte lijkt intussen meer op een wiskundeschrift dan op een redactie,’ staat in de brief.

Als ik de foto’s zo bestudeer, betekent dit dat de tien meter van mijn voormalige bureau naar de boekenkast een no-goarea is: de verkeerde kant op. Dus dan moet ik met mijn stapels ­boeken in de juiste looprichting de hele redactie rond. Ha, gezellig. Maar of dat zal helpen...

Marjolijn de Cocq is coördinator boeken van Het Parool. Reageren? m.decocq@parool.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden