Maarten Moll Beeld Sjoukje Bierma
Maarten MollBeeld Sjoukje Bierma

Een heroïsch gevecht tegen de elementen

PlusMaarten Moll

Ik liep met de hond en keek om me heen om de schade eens op te nemen.

“Nou, Beppie, dat valt allemaal reuze mee, of niet dan?”

(Ik praat al heel lang tegen de hond, die doet alsof ik gek ben.)

Ik zag wat takjes op straat liggen, en wat geknakt riet op de Ooster Ringdijk. Nergens ook maar een scherf van een dakpan te bespeuren.

“Was dit nou die zomerstorm waar ze zo’n ophef over maakten?”

Bep stak haar snuit in een molshoop.

“Weet je wat een zomerstorm was? Zal ik je dat eens vertellen? Hè, over een echte storm? Luister. Het was heel lang geleden.”

(En verdomd, Bep ging er eens goed voor zitten.)

“Vannacht gaat het stormen,” zei mijn vader.

Ik lag onder de tafeltennistafel aan een perenijsje te likken. Het was ongeveer zestig graden en we mochten nog lang niet het strand op omdat het zand te heet was. Naast me in de schaduw lag het plastic zwaard dat ik had gekregen toen we naar het Mausoleum van Theodorik de Grote waren geweest.

We stonden op een camping in de buurt van Ravenna. Van die storm had mijn vader in de kampwinkel gehoord.

Ik lachte maar wat en keek naar het stukje knalblauwe lucht dat ik nog net kon zien terwijl het perenijs op mijn borst drupte.

Wat we de rest van de dag en avond deden, weet ik niet meer, maar wel dat ik mijn vader midden in de nacht hoorde schreeuwen. Hij kwam maar net boven het geklepper van tentdoeken en de gierende wind uit. En even later hingen mijn broers en ik en mijn vader aan de tentstokken om te verhinderen dat de bungalowtent over de Alpen zou worden geblazen.

“Vasthouden, Theodorik,” riep mijn vader tegen me. Ik heb uren aan die tentstok gehangen, Bep, en een paar keer dachten we dat we het gingen verliezen. De spullen vlogen in het rond. Het was een heroïsch gevecht tegen de elementen, maar we hebben de tent gered. En nu gaan we weer op huis aan.

‘Is alles goed daar, hebben jullie schade?’ appte mijn moeder later die ochtend.

‘Weet je nog van die storm in Italië?’ vroeg ik.

‘Welke storm?’

Ik appte een samenvatting van wat ik Bep had verteld.

Het had wel hard gewaaid, maar nog geen scheurtje in de tent, volgens mijn moeder, en verder was er op de camping ook geen schade.

‘Weet je zeker dat jij ook aan die tentstokken hing? Volgens mij ben je overal doorheen geslapen.’

Ik wilde zeggen dat ik in die storm wel mooi mijn zwaard was kwijtgeraakt, maar ik was bang voor het antwoord.

Buiten bewogen de bomen in een matige wind.

Maarten Moll schrijft over dagelijkse beslommeringen in de stad. Lees al zijn columns terug in het archief.

Reageren? m.moll@parool.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden