Plus Column

Een goed gesprek op het Makassarplein

Patrick Meershoek Beeld Maarten Steenvoort

Een peperduur en prachtig vliegend tapijt onder de grond, woningen die elke keer dat de klok twaalf uur slaat een flinke zak duiten meer waard zijn geworden en nu ook nog pratende prullenbakken: het leven in Amsterdam begint onmiskenbaar trekken te vertonen van een sprookje.

Naar de prullenbakken ben ik reuze nieuwsgierig, dus rijd ik op mijn nurks zwijgende fiets naar de Indische Buurt, waar vorige week op meerdere plekken drie exemplaren zijn geplaatst. Ik kies op goed geluk voor het Makassarplein, dat op het heetste uur van deze tropische zomerdag vrijwel is verlaten, ondanks de vrolijk spuitende bedriegertjes.

Dat stelt mij in staat in alle rust op onderzoek uit te gaan. Het duurt namelijk even voor ik de pratende prullenbak heb opgespoord tussen de tien afvalbakken op het plein.

De bakken die ik probeer, doen hun klep niet open, ook niet als ik er een rondje omheen loop en zelfs mijn hand heen en weer zwaaiend in de opening steek, in de hoop een van de sensoren alsnog in werking te stellen. Er gebeurt helemaal niets.

Bij afvalbak vier is het raak. Als ik dichterbij kom, klinkt er een stem. "Hé, kom jij eens hier." Het zijn vijf woorden waarmee je alle kanten uit kunt, maar dit is zeker niet de snerpende stem van een handhaver op het punt van ontploffing.

Dit is de aangename stem van een vrouw met aandacht in de aanbieding, zoals die op andere plekken in de stad door de eeuwen heen al menige aangespoelde zeeman en op drift geraakte kantoorbediende naar binnen heeft gelokt.

Ook ik voel even de verleiding, maar ik realiseer me dat een eventuele verhouding in dit geval weinig perspectief biedt. Ach, was ik tien jaar jonger geweest en zelf ook een afvalbak...

Ja, dan was ik met alle soorten van genoegen hier op het Makassarplein naast je komen staan en zouden we misschien zelfs samen een klein pedaalemmertje kunnen maken. Sorry schat, en trouwens: ik ben hier wel in functie.

Om dat laatste te onderstrepen, scheur ik een velletje uit mijn schrijfblok, maak daar een mooie prop van en werp die naar binnen. Nu begint er gek genoeg een mannenstem in de afvalbak te rijmen: "Troep in de bak, daarmee zit je nooit fout. Het laat alleen maar zien hoeveel je van je stad houdt."

Het lijkt me niet Jean Pierre Rawie die daar beneden in de prullenbak zit, maar die zal ongetwijfeld een vorstelijk honorarium vragen voor een gedicht dat het zwerfvuil in de stad moet verminderen. Toch ben ik enigszins teleurgesteld, ook omdat het gebruik van de pratende prullenbak in het persbericht wervend is aangeprezen als een beleving.

Hm, het valt niet te ontkennen dat er iets is voorgevallen op het Makassarplein, maar om dat nu meteen een beleving te noemen.

Waarschijnlijk is de opsteller van het persbericht nog nooit met de raampjes open met de auto door de wasstraat gereden. Kijk, dán kunnen we met een gerust hart en een kletsnat pak spreken van een beleving. Dit blijft toch een afvalbak.

Reageren? patrick@parool.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden