Natascha van Weezel.Beeld Sjoukje Bierma

Een debatcentrum is geen linkse hobby

PlusNatascha van Weezel

Afgelopen vrijdagavond was ik voor het eerst sinds maanden weer in debatcentrum De Balie. Hoewel er slechts dertig bezoekers in de zaal mochten, voelde ik me als een vis in het water. Wat had ik dit ongelooflijk gemist! Niet alleen het programma zelf, maar ook de (1,5 meter-) borrel na afloop. Juist tijdens dit informele drankje voerde ik boeiende gesprekken met verschillende mensen die er een totaal andere mening op nahouden.

Tot een aantal jaren geleden ging ik in het weekend voor­namelijk naar cafés en clubs. Ik danste op muziek van Sean Paul en dronk iets te veel wodka-cola. Op een dag vroeg mijn vader me mee naar een debatavond over politiek. Daar leek me eerlijk gezegd niets aan.

Toch raakte ik tijdens mijn eerste bezoek aan Politieke Junkies verkocht. Dit was een veel interessantere manier om mijn vrije tijd door te brengen – en het leverde minder katers op.

Na mijn vaders overlijden ben ik naar debatavonden blijven gaan. Zonder hem is het lang niet zo gezellig, al vind ik het nog steeds geweldig om onder begeleiding van een moderator naar vaak tegengestelde opinies over belangrijke maatschappelijke thema’s te luisteren. Op internet zijn al die meningen natuurlijk ook te vinden, maar daar blijft het vaak bij onderling geschreeuw en welles-nietesspelletjes.

Des te verbaasder was ik toen ik onlangs het rapport van de Raad voor Cultuur las voor de periode 2021-2024, het advies aan het ministerie van OCW over de toekenning van rijkssubsidies aan culturele instellingen. De aanvraag van het Rotterdamse debatcentrum Arminius werd afgewezen. Dichter bij huis gold hetzelfde voor Pakhuis de Zwijger.

De raad beoordeelde de aanvragen van Arminius en Pakhuis de Zwijger positief. Helaas was er slechts plaats voor de subsidiëring van één debatcentrum. Dat komt door de keuze van de Raad voor Cultuur om – relatief – hogere bedragen toe te kennen aan een beperkter aantal cultuurinstellingen. Het geld ging naar De Balie, een plek waar ik dus enorm van houd. Maar het besluit om van rijkswege slechts één huis voor debat in heel Nederland te subsidiëren maakt me woedend.

Een probleem van debatinstituten kan zijn dat ze vooral een wat ouder, wit publiek trekken. Pakhuis de Zwijger blinkt juist uit in diversiteitsbeleid, door de programmering en met dependances in Nieuw-West en Zuidoost. Hier leerde ik over de geschiedenis van de Marokkaanse gemeenschap in Amsterdam en vierde ik Keti Koti.

Volgens sommige politici zijn culturele instellingen (inclusief debatcentra) niets meer dan een plek voor ‘linkse hobby’s’. Ik denk toch echt dat discussies over hedendaagse, wezenlijke thema’s als Black Lives Matter, het klimaat en de vraag of een merk als Zespri Kiwi’s het televisieprogramma Veronica Inside nou wel of niet moet boycotten, werkelijk íedere Nederlander aangaan. Dus wat nou linkse hobby’s?

Natascha van Weezel (33) is journalist. Elke maandag schrijft ze een column voor Het Parool.

Reageren? natascha@parool.nl.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden