Lezersbrief

Een bloem voor het meisje van het dagboek

'Het dagboek zou verplichte literatuur moeten zijn voor elke vader en moeder die met kinderen in de puberteit te maken heeft.' In een ingezonden lezersbrief vertelt Paul Zwarenstein over zijn bewondering voor Anne Frank.

- Beeld ANP

Ik vraag aan de dochter van een vriendin, zij is over naar groep 8, of zij Anne Frank kent. Zij is met school naar de Prinsengracht geweest, naar de ­kamers waar Anne iets meer dan twee jaar geschuild heeft.

Op 1 augustus heb ik een bloem gelegd bij het beeld op de Westermarkt, naast de Westerkerk. Toen ik mijn fiets op slot zette, zag ik vijf mensen foto's maken, elkaar lachend en joelend van allerlei kanten met en zonder het beeld van Anne vereeuwigen. Met de platte slimme telefoon werd alles meteen gedeeld en geliked.

1 augustus was het 73 jaar geleden dat ­Anne voor het laatst iets in haar dagboek schreef. Enkele dagen later werden de onderduikers uit het huis gehaald.

In de Hartenstraat was ik de bloemenzaak binnengelopen. Toen ik de reden voor mijn bloem aan de bloemenvrouwen vertelde, vertelde een van de dames dat zij het meisje kent dat model heeft gestaan voor het beeld. De dochter van beeldhouwer Mari Andriessen had toen hetzelfde postuur, dezelfde slag in het krullende haar, hetzelfde meisjesachtige dat past bij de leeftijd van een puber.

Zij is op 1 augustus jarig. Mijn broer is ook jarig op 1 augustus, riep ik verrast. Even was iedereen met elkaar verbonden.

De helpende bloemenvrouw pakte de zachtgekleurde roos zorgvuldig in, wilde niet dat ik betaalde. Jij had het idee, wij willen graag meedoen.

Verlegen legde ik de bloem neer aan de voeten van het meisje dat het dagboek heeft geschreven dat ik aan het lezen ben. Iedereen kent het en telkens weer verbaast het mij hoe weinig mensen het werkelijk hebben gelezen. Als het al is gelezen, dan bijna altijd in de middelbareschooltijd, of nog eerder.

Ik lees het nu en zie een heldere observatie van een positief ingesteld meisje dat net in haar puberteit zit en daar onvoorstelbaar volwassen en geestig over schrijft. Het zou verplichte literatuur moeten zijn voor elke vader en moeder die met kinderen in de puberteit te maken heeft.

Toen ik de volgende dag over de Prinsengracht reed, de kermis voor het Achterhuis al in volle gang, zag ik dat de bloem van de sokkel was gevallen en voor het beeld lag. Plechtig legde ik hem weer terug naast Annes voeten.

Hoe vond je het in het Achterhuis, vraag ik de dochter. Een ernstig meisjesgezicht, mooie troebele ogen vol gedachten dwalen door het huis op de Prinsengracht. Ik hoef het antwoord niet te weten, het staat er al.

Paul Zwarenstein, Amsterdam

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden