Theodor Holman Beeld Artur Krynicki

Een bezoek aan de psychiater, op verzoek van mijn partij

Plus Theodor Holman

Op verzoek van mijn ­partij bezocht ik uiteindelijk de psychiater.

“Wat scheelt er aan?”

“Ik heb te weinig empathie, hoor ik.”

“Met wie?”

Ik haalde mijn schouders op en zei: “Ik kan mij in niemand inleven, ik heb voor niemand sympathie en het zal me aan mijn reet roesten wat iedereen doet.”

De psychiater knikte bedachtzaam.

“Kunt u een voorbeeld geven?” vroeg hij.

“Nou, we deden laatst mee aan een oorlogsmissie en toen hebben we allemaal burgers gedood, terwijl we die burgers juist wilden bevrijden. Afijn, daar is veel heisa over gekomen die ik u zal besparen, maar ik dacht: het interesseert me geen donder. Natuurlijk vallen er burgerslachtoffers, natuurlijk hang ik dat niet aan de grote klok, natuurlijk jok ik daarover… Als ik me alles aantrek, kan ik niet doen wat ik moet doen. Ik word betaald om niks te voelen.”

“U voelt professioneel niks?”

“Ik voel echt niks. Helemaal niks.”

“Dode aangespoelde kinderen, gebombardeerde families…”

“Het spijt me, ik voel niks. Ja, formeel voel ik wel wat natuurlijk, en gebruik ik woorden als ‘vreselijk’ en ‘walgelijk’ en ‘diep geraakt’ maar nogmaals, als ik dat werkelijk zou voelen, had ik geen leven meer. Ik suggereer gevoel. Wat maakt het uit? ”

“Hoe is dat in uw persoonlijke leven?”

“Prima. Ik zou niet weten wat ik daarover zou moeten voelen.”

“Raakt u wel eens ergens opgewonden over?”

“Nee, natuurlijk niet! Sterker: ik vind dat de mensen zich alles niet zo moeten aantrekken. Als ik bij een talkshow ben, voel ik me bijna verplicht te huilen. Tijdens een debat waarin het gaat over mensen die omgekomen zijn, moet ik vier, vijf keer duidelijk maken dat het me iets doet. Maar het doet me allemaal geen flikker, geen reet, geen ene mallemoer. Het lijkt alsof ik niet meer word beoordeeld op mijn kundigheid maar op mijn emotionaliteit.”

“Hoe erg is dat?”

Ik haalde mijn schouders op: “Ik vind het ook niet erg. Maar men vindt het erg. Men. Men wil maar overal gevoel zien, betrokkenheid, emotie, pas dan is het goed. Maar het omgekeerde is waar. Wantrouw iedereen die bij iets emotioneel betrokken is. Wantrouw tranen op televisie. Wantrouw hartstocht.”

“U lijkt me uitstekend voor uw beroep geschikt,” zei de psychiater.

“Dank u, mag ik u iets vragen. Is het uniek zoals ik ben?”

“Nee hoor, al uw collega’s zijn hier geweest met het­zelfde.”

Theodor Holman (1953) is columnist, schrijver, televisie- en radiomaker. Elke dag, uitgezonderd zondag, lees je hier zijn column. Lees al zijn columns terug in het archief.

Reageren? t.holman@parool.nl.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden