Marjolijn de Cocq. Beeld Artur Krynicki
Marjolijn de Cocq.Beeld Artur Krynicki

Een akelig toepasselijk kogelgat dwars door de novelle van Martin Michael Driessen

PlusMarjolijn de Cocq

Marjolijn De Cocq

Henry is zwaar en zwijgzaam, nogal nors gezelschap. Af en toe wordt hij uit de la gehaald, voor een onderhoudsbeurt. Als Henry wordt teruggelegd, vertelt hij nooit iets over zijn belevenissen in het helle licht van de dag.

Henry is een antieke 38.Colt. Hij bevindt zich in het nachtkastje van een tandarts in Palm Beach, evenals een kartonnen doosje met ammunitie – negen ‘collega’s,’ waarvan er één het woord voert in Het licht aan het einde van de loop, autobiografie van een kogel van Martin Michael Driessen. Een novelle die bij Van Oorschot is verschenen met een in deze tijden akelig toepasselijk kogelgat.

De meeste revolvers beschouwen zich als min of meer superieur aan hun ammunitie, vertelt deze kogel. ‘Maar wij hebben onze eigen trots; zonder ons zouden zij immers betekenisloze mechanieken zijn.’

Zeer welbespraakt is hij, niet gespeend van gevoel voor ironie. Over de relatie tussen patroon en vuurwapen gaat het: een verstandshuwelijk. Meestal polygaam, want een vuurwapen kan ontelbaar veel bruiden bezitten, terwijl een patroon meestal niet verder komt dan de partner aan wie hij in den beginne werd gekoppeld. ‘Dat is misschien niet wenselijk en klinkt niet bijzonder geëmancipeerd, maar zo is het nu eenmaal.’

Er komt een dag (het gaat niet goed met de tandarts, er is een levenslustige tuinknecht in het geding en dan raadt u het wel) dat onze kogel geholpen door een duwtje in de rug in Henry’s cilinder glijdt – het voelt als thuiskomen.

Maar wat ook de plannen zijn van de tandarts – de geladen Henry komt in in andere handen.
Belly gun. Stainless steel.
Six caps in here.’

Het begin van een periode met veel cruising in limousines, onderhandelingen in bars en confrontaties in steegjes waaraan onze kogel niet met trots terugdenkt. Gelukkig kwam het er nooit van. ‘Onder waarde afgevuurd te worden – vanuit een primitief sentiment, uit racistische haat, of in het kader van een stompzinnige criminele onderneming – is wel het laatste wat je als kogel wenst.’

Voor een kogel is één schot weggelegd. Liever dan in schietschijven, bierblikjes of muren terecht te komen, streven naar iets hogers: het brein van Hemingway boven de buik van een zwerver, het hoofd van Hitler boven een boomstam.

Maar tijdens een vredige periode – Henry belandt op de hoogste plank van een boekenkast in Vermont, verborgen achter het werk van Melville – begint onze kogel de hoop te koesteren dat er een wereld bestaat die hem niet meer nodig heeft. ‘Misschien is het hoogste wat voor een kogel is weggelegd: geen noodlot te hebben.’

Was het maar waar.

Marjolijn de Cocq schrijft elke week een column voor Het Parool. Lees al haar columns hier terug.

Reageren? m.decocq@parool.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden