Plus Column

Edgar Davids kreeg een zakje krentenbollen mee

Dick Sintenie Beeld Wolff

Vroeger was heus niet alles beter, maar de kneuterigheid van het verleden stemt soms melancholisch en deemoedig tegelijk.

Dat Ajax halverwege de jaren negentig de wereld kon veroveren vanuit een stadion dat van geen enkel gemak was voorzien, is met terug­werkende kracht eigenlijk ­ongelofelijk, om maar eens een stopwoord van de toen­malige trainer Louis van Gaal te gebruiken.

De Meer was sfeervol, vertrouwd, heilige grond. Dat het hoofd oplei­dingen opereerde vanuit een bouwkeet was eerder grappig dan lastig. De persafdeling ­bestond uit één man. Maar de beperkingen beletten de club niet om het clubvoetbal in ­Europa te domineren.

Het spelershome vertoonde geen spoor van kitsch of luxe. Er stonden een aftandse bank en een biljart en houten tafeltjes en stoeltjes waren aangeschoven onder de ramen aan de ­zijde van het trainingsveld.

De spelers werden ook in deze ruimte geïnterviewd. Het korte gesprek met Edgar Davids vond plaats aan de bar, waar Tante Sien al die jaren achter had gestaan, maar waar nu een al even vriendelijke ­dame tomatensoep serveerde aan de middenvelder van Ajax.

(Die drie dagen later in Estadio Santiago Bernabéu overigens niet op het middenveld zou spelen, maar centraal in de defensie, omdat Frank de Boer ontbrak. Het maakte voor de machinerie allemaal niets uit. Ajax walste over Real ­Madrid heen.)

Davids roerde in zijn soep en keek vooruit naar de komende ontmoetingen. Eerst naar Spanje en dan in één keer door naar Tokio voor de wedstrijd om de wereldbeker tegen ­Gremio. Hij had er zin in.

Na een minuutje of twintig verontschuldigde Davids zich. Buiten ronkte de spelersbus die de selectie naar Schiphol zou vervoeren.

Terwijl Davids zijn jas aantrok, boog de bardame voorover en drukte de voetballer een plastic zakje in zijn handen. Er zaten twee krenten­bollen in. Voor onderweg.

"Succes jongen."

Dick Sintenie is sportverslaggever bij Het Parool, en schrijft elke dinsdag een column over Ajax. Reageren? d.sintenie@parool.nl.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool.nl.