Marcel Levi. Beeld Artur Krynicki
Marcel Levi.Beeld Artur Krynicki

Dure medicijnen? Het is vette woekerwinst die ten goede komt aan het farmabedrijf

PlusMarcel Levi

Marcel Levi

De discussie over de betaalbaarheid van gezondheidszorg draait weer op volle toeren en onze regering heeft zich voorgenomen met de slogan ‘passende zorg’ wederom kritisch naar het zorgaanbod te kijken.

Dat is op zichzelf een zinvolle actie. Toch hebben we, alvorens lastige beslissingen te nemen over het wel of niet vergoeden van gezondheidszorg, eerst een morele plicht om alle verspilling uit het huidige systeem te persen.

En verspilling is er meer dan genoeg. De vooraanstaande zorgeconoom Don Berwick becijfert keer op keer dat gezondheidszorgkosten minstens tien procent verspilling omvatten. Dat betekent dus dat we jaarlijks een kleine tien miljard euro door het rioolputje spoelen.

Een van de grootste verspillingen betreft massale overpricing van dure medicijnen. Het is geen uitzondering dat nieuwe geneesmiddelen tienduizenden en bij absolute toppers zelfs honderdduizenden euro’s per behandeling kosten. En op de vraag waarom die medicijnen zo duur zijn, is het standaard antwoord dat het heel ingewikkeld is ze te maken en dat de ontwikkelingskosten enorm zijn.

En dat is dus gewoon niet waar. Economische studies laten zien dat die uitgaven minder dan 20 procent van de uiteindelijke prijs bepalen. De rest is simpelweg vette woekerwinst die ten goede komt aan het farmabedrijf, misbruik makend van patent, regelgeving en wanhoop van patiënten met ernstige, soms dodelijke, aandoeningen.

Een treffende illustratie is het middel lenalidomide, een effectief medicament tegen beenmergkanker. De fabrikant rekent voor deze pillen ongeveer een ton per patiënt per jaar en die prijs werd afgelopen jaren twintig keer fors verhoogd.

Dat wil zeggen, tot voor kort, want nu het patent verlopen is, heeft het journalistieke onderzoeksplatform The Investigative Desk uitgezocht dat het plotseling voor minder dan 1 procent van de oorspronkelijke prijs wordt aangeboden en daalde de prijs per pil van 218 euro naar 90 cent. In Nederland is de afgelopen jaren minstens een miljard euro aan alleen al dit geneesmiddel uitgegeven.

Andersom gebeurt ook. Het spotgoedkope middeltje mexiletine, al jarenlang gebruikt voor hartritmestoornissen, bleek plotseling heel effectief bij een ernstige neurologische spierziekte. Dat was voor de fabrikant, die geen enkele nieuwe ontwikkel- of registratieactiviteit verrichtte, aanleiding de prijs honderdvoudig te verhogen.

En er zijn talloze andere voorbeelden waarbij farmaschurken al jarenlang bestaande geneesmiddelen exclusief patenteren en vervolgens doodleuk de prijs vijftig tot honderd keer omhoog jagen. Als benzine even een paar dubbeltjes duurder wordt, komt de overheid onmiddellijk in actie maar voor een slordige paar honderd miljoen voor de farma-industrie laten we ons graag neppen.

Hoge medicijnprijzen hebben helemaal niets te maken met kosten voor ontwikkeling en productie. Omdat er vaak geen keuze is bij ernstige ziektes en het monopolie wordt beschermd door uitgebreide patentwetgeving zijn het volledig fictieve kosten die vooral worden bepaald door wat de gek ervoor geeft. En die gek dat zijn wij dus met zijn allen.

Marcel Levi is voorzitter van de raad van bestuur van de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO). Daarvoor was hij ceo van University College London Hospitals en bestuursvoorzitter van het AMC. Lees al zijn columns hier terug.

Reageren? m.levi@parool.nl.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden