Column

'Dumpen' dekt de lading niet

James Worthy
James Worthy Beeld Agata Nowicka
James WorthyBeeld Agata Nowicka

Vrienden mogen me altijd bellen. Dat is wat vriendschap is. Absolute ondersteuning. Ze mogen me echt altijd bellen, maar ik ben het allergelukkigst als ze me midden in de nacht bellen. Overstuur en met een geknakt hart, vanuit de rookruimte van een kroeg waar mensen alleen binnenstappen als ze op het randje van sneuvelen willen balanceren.

Misschien is het heel slecht om te zeggen, maar ik ben het gelukkigst als mijn vrienden ongelukkig zijn. Als ze me nodig hebben. Als ik een vangnet voor ze mag zijn in plaats van de bijrijder van hun geluk. Ik ben het gelukkigst als ik mag meeliften op hun pijn.

Gisternacht, om 00.27 uur, werd ik gebeld door een vriend. Of ik naar Café Lux in de Marnixstraat wilde ­komen. Zijn vriendin had hem na een relatie van vijf jaar gedumpt. Ik haat het woord dumpen. Het dekt de lading niet. Dumpen is iets weggooien en iemand met een gebroken hart voelt zich niet weggegooid. Eerder vertrapt. Uitgeroeid. Geamputeerd.

Toen ik uit de taxi stapte, zag ik hem aan de bar zitten. Diep bedroefd en met zijn winterjas dichtgeritst. Zijn warme jas hield zijn koude romp bij elkaar.

"Twee uur geleden, net voordat Pauw begon, vertelde ze me dat ze me was ontgroeid. Ze had haar spullen al gepakt. Er stonden twee volle sporttassen naast de voordeur. Ik wist niet eens dat ze twee sporttassen had. Ontgroeid, toen ze dat woord zei, werd ik alleen nog maar kleiner. En zij leek op een wolkenkrabber. Verdomme, ik wilde zo graag van haar afspringen."

Ik bestelde twee kopstoten en ging op een barkruk zitten die piepte toen ik erop plaatsnam.

"Mensen die zeggen dat ze je zijn ontgroeid, vergeten vaak dat juist de mensen die ze zijn ontgroeid ervoor hebben gezorgd dat ze überhaupt konden groeien. In relaties krijgt de persoon die het vergrootglas was steevast de schuld."

Nog geen uur later hadden we de wereld op z'n kop ­gedronken. Er zijn van die nachten dat alleen praten niet helpt. Dat het verstand verlamd dient te worden. De nachten dat je niets aan Paulo Coelho hebt en alleen Bukowski je sherpa mag zijn.

"Ik wil haar terug. Ik wil haar laten zien dat ook ik een wolkenkrabber kan worden. Zal ik haar bellen?" vroeg hij. Ik keek naar hem. Naar zijn jaloersmakende liefdesverdriet. Naar zijn verwelkingsproces. Soms heeft verwerken gewoonweg geen zin en moet je als mens de tijd nemen om te verwelken. De ene persoon ontgroeit en de andere verwelkt. Ik heb meer met de verwelkers, en zei dus tegen mijn vriend dat hij haar niet moest bellen.

"Maar ik wil niet alleen in mijn bed liggen," zei hij.

"Dan kom ik naast je liggen."

In zijn huis rook het naar de zuurkoolschotel die zijn ex-vriendin gisteravond nog voor hem maakte. Ik liep de keuken in en zag dat ze een extra grote schotel voor hem had gemaakt. Ze wilde misschien niet meer met hem leven, maar ze wilde niet dat hij zou verhongeren. Vanuit de keuken vroeg ik of ik een pot thee voor hem moest zetten, maar hij reageerde niet.

Hij sliep al. Ik deed mijn schoenen uit en ging naast hem liggen. De volgende dag werd een lange dag. Zo lang dat hij ons wederom leek te ontgroeien.

De in Amsterdam geboren en getogen schrijver James Worthy (1980) probeert in zijn columns iets van het leven te begrijpen. Lees al zijn columns hier terug.

Reageren? james@parool.nl

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden