Theodor Holman. Beeld Artur Krynicki
Theodor Holman.Beeld Artur Krynicki

Door de muffe haren van haar kind was verdriet gevlochten

PlusTheodor Holman

Ze was altijd nerveus als ze naar haar dochter ging. Dit keer had ze zelfgemaakte jam meegenomen en een zelfgebreide das: de wormen van een vogel voor haar kuiken.

Toen ze voor de deur stond rook ze de hasjlucht.

Niets van zeggen, ik heb het ten slotte ook gedaan. Maar nooit zo vroeg…

Haar dochter deed open, slechts gekleed in een bh en een slip.

“O, is het al tien uur?” vroeg haar dochter.

“Half elf,” zei ze.

“O… nou, ik ben nog niet klaar… En ik wil eigenlijk niet dat je me zo ziet…”

“Geeft niet, ik let heus niet op de rommel en zo…”

“Je komt… eigenlijk een beetje ongelegen, mam.”

“O… Ja… O…”

Ze bleef staan, dit keer zou ze zich niet laten wegsturen.

“We hadden een afspraak.”

“Ja, weet ik! Zeur niet zo! Ik kan er toch ook niets aan doen dat het nu slecht uitkomt?”

“Nee, dat zeg ik ook niet… ik…”

Misschien konden de wormen helpen.

“Hier in ieder geval twee potten met jam… en een das.”

Ze overhandigde het tasje.

Dochter keek niet in het tasje en paste de das niet.

“Ik heb lichtblauwe wol gebruikt. Dat is toch je lievelingskleur?”

Achter haar dochter zag ze een figuur snel door de gang lopen en naar de wc gaan.

Niet laten merken dat ik het gezien heb, dacht ze, maar daarvoor was de figuur te luidruchtig geweest.

Dochter bedankte klein voor de tas.

“Ja, ik kom misschien niet gelegen…,” zei ze.

“Ik heb het ook druk, mam.”

“Snap ik best, snap ik best.”

Ze stonden even tegenover elkaar. Dochter wreef over haar bovenarmen.

“Ik krijg het koud,” zei dochter.

“Ja, het is koud… Ja… Nou ja, dan ga ik maar weer…”

“Ja,” zei dochter, “het komt nu echt slecht uit.”

Niet kibbelen nu, dacht ze, niks zeggen, knikken.

“Dan ga ik maar weer,” herhaalde ze, en terwijl ze het uitsprak wist ze: dit is fout!

“Hè, mam! Doe niet zo slachtofferig! Het komt gewoon nu slecht uit!”

“Nee, ik… helemaal niks… Ik ga… Sorry, ik wilde niet slachtofferig overkomen… Kusje?”

Daar kon de dochter niet onderuit. Ze rook de muffe haren van haar kind en het leek of er verdriet doorheen was gevlochten. En ze kon er niets aan doen. Elke hulp leek een belediging.

Ze zwaaide nog even, maar haar dochter was al naar binnen.

Theodor Holman (1953) is columnist, schrijver, televisie- en radiomaker. Elke dag, uitgezonderd zondag, lees je hier zijn column. Lees al zijn columns terug in het archief.

Reageren? t.holman@parool.nl.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden