Opinie

'Door bonussen lopen topmensen vaak hard in de verkeerde richting'

De wens van de top van ABN Amro om bonussen uit te delen brengt risico's met zich mee en negeert de roep vanuit de samenleving, stellen Kees Cools en Joris van Toor.

Het kantoor van ABN Amro op de Zuidas Beeld Floris Lok

Er is een dispuut losgebarsten tussen minister Jeroen Dijsselbloem (Financiën) en het bestuur van ABN Amro over de beloning van de bestuursleden. Het vaste jaarsalaris van alle bestuursleden (met uitzondering van Gerrit Zalm) zou van 607.500 naar 707.500 euro worden verhoogd, ter compensatie van lagere bonussen. Die verhoging zou aanvankelijk door Dijsselbloem zijn goedgekeurd, maar vanwege publieke verontwaardiging is hij niet langer akkoord. Naar aanleiding daarvan is één commissaris van ABN Amro inmiddels opgestapt.

Enkele thema's lopen in deze kwestie door elkaar: a) de merites en nadelen van bonussen; b) het inleveren van de bonus in ruil voor meer salaris; c) het vasthouden aan contractuele rechten; d) de vraag hoe rekening te houden met maatschappelijke verontwaardiging; e) misverstanden en/of spelletjes tussen politiek en bedrijfsleven. Het is zaak die punten te scheiden.

Als iets mis gaat hebben velen de neiging zwarte pieten uit te delen aan iedereen behalve zichzelf. De kwestie wordt daardoor mistig en het ondermijnt de integriteit en geloofwaardigheid van alle betrokkenen. Niet doen.

Bonussen zijn een vorm van prestatiebeloning; loon naar werken. Gebaseerd op wantrouwen, op het geloof dat bestuurders pas echt hun best doen als ze éxtra beloond worden, bovenop hun meestal riante vaste salaris.

Verkeerde richting
Bovendien is prestatiebeloning bedoeld om mensen harder te laten lopen in de goede richting, maar het effect is vaak dat ze te hard lopen in de verkeerde richting. Te hard, omdat men spelletjes gaat spelen en prestaties (veel) te mooi voorstelt om de bonus binnen te harken. In de verkeerde richting, omdat de jaarlijkse bonus veelal gericht is op financiële kortetermijnprestaties, in plaats van prestaties op de lange termijn, risico's, gedrag, integriteit, samenwerking, et cetera. De objectieve nadelen en gevaren van bonussen worden vaak onvoldoende onderkend in de (sub)top van het bedrijfsleven. Bonussen zijn potentieel gevaarlijk. Niet doen.

Bonussen worden meestal beschouwd als vast onderdeel van het inkomen. Het (deels) inruilen van bonussen tegen een hoger vast salaris is ironisch. Bonussen zijn bedoeld om mensen aan te zetten tot harder werken, omdat men er niet op vertrouwt dat een hoog vast salaris voldoende prestatieprikkel geeft. Als je die bonus inruilt voor een hoger vast salaris wordt dat probleem juist groter, omdat de bonus als prikkel dan relatief kleiner wordt. Het laat zien dat bonussen een oneigenlijke manier zijn geworden om het vaste salaris te verhogen.

Prikkeleffect
Als men echt gelooft in bonussen als prikkel maar door de politiek of maatschappij gedwongen wordt de bonussen te verlagen, zou het vaste salaris juist verlaagd moeten worden. Dan blijft het relatieve prikkeleffect van de bonus tenminste in stand.

Ondernemingen moeten zich voortdurend aanpassen aan veranderende marktomstandigheden: instortende olieprijzen, nieuwe concurrenten, nieuwe technologieën, fluctuerende wisselkoersen, Poetin, schaliegas uit de VS en - last but not least - veranderende voorkeuren van klanten. De beste ondernemer is degene die zich het best aanpast aan de nieuwe omstandigheden. Vaak leidt dat ook tot het moeten aanpassen van (contractuele) afspraken of - menselijk gezien ernstiger - het ontslaan van medewerkers.

Betere prestaties
Waarom wel respect voor deze externe factoren, maar niet voor breed gedragen en begrijpelijk maatschappelijk ongenoegen? Zeker, het respecteren van contractuele verplichtingen is belangrijk in het economische en maatschappelijke verkeer. Maar als de veranderende omstandigheden aanpassing vereisen, klinken bestaande afspraken al gauw als oneigenlijk argument om alles bij het oude te laten. Want niet alleen nieuwe marktomstandigheden, maar ook de roep vanuit de samenleving kan aanpassingen noodzakelijk maken. Daarop inspelen draagt bij aan de langetermijncontinuïteit en betere prestaties van de onderneming.

We weten niet wie het best is in het zwartepietenspel, minister Dijsselbloem of ABN Amro. Het doet het vertrouwen in beiden in elk geval geen goed. Wel weten we dat bonussen gevaarlijk zijn, niet moeten worden ingeruild voor een hoger vast salaris en dat het bedrijf dat niet alleen rekening houdt met de betalende klant, maar ook met die klant als burger en mens, op termijn aan het langste eind trekt.


Wilt u reageren op dit artikel? Dat kan! Scroll (een beetje) naar beneden om een reactie te plaatsen.

Joris van Toor

is promovendus aan Tias, school for business and society, van de Universiteit van Tilburg
Kees Cools

is hoogleraar corporate finance en auteur van Controle is goed, vertrouwen nog beter over risico's van bonussen
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden