Opinie

‘Diversiteit is bij de NPO eerder wensdenken en pr-praat dan werkelijkheid’

De NPO praat al meer dan 30 jaar over diversiteit en inclusie, maar wat komt hier eigenlijk van terecht? Media­expert Reza Kartosen-Wong blikt terug, kijkt naar de BBC en vertelt hoe de NPO het moet doen.

Een presentatie van de NPO voor de start van het seizoen 2019-2020.Beeld Hollandse Hoogte / ANP Kippa

Maandag verklaarde NPO-bestuursvoorzitter Shula Rijxman voor de zoveelste keer dat ze ‘samen met de verschillende omroepen de publieke omroep diverser gaat maken in al zijn uitingen’. Dit naar aanleiding van de NPO-themadag ‘Nederland tegen racisme’, die vorige week zondag plaatsvond.

Het is te hopen dat de publieke omroep nu écht veel diverser en inclusiever wordt. Dat is de afgelopen 30 jaar namelijk niet goed gelukt. Rijxmans uitspraak dat de publieke omroep ‘er voor iedereen is’, is nu meer wensdenken en pr-praat dan werkelijkheid. En dat is jammer, en onnodig; dit mooie en unieke, typisch Nederlands instituut moet en kan er ook voor iedereen zijn.

Legitieme kritiek

Ironisch genoeg onderstreepte juist het veelbesproken debatprogramma De Stelling van Nederland dat de publieke omroep nog niet van iedereen is. De Stelling draaide vooral om botsende meningen in plaats van verdieping. De gasten mochten in korte soundbites hun zegje doen zonder echt met elkaar in gesprek te gaan. Het was entertainment, meer niet.

Toch verdedigde NPO-bestuursvoorzitter Rijxman het programma tegen kritiek op de opzet en de keuze voor Jort Kelder als debatleider. In de pers debiteerde ze voorspelbare oneliners zoals dat we ‘juist nu het gesprek moesten aangaan’ en dat Kelder ‘een kundig debatleider is, waarbij ruimte is voor alle geluiden’. Daarmee maakte Rijxman duidelijk dat zij de kritiek niet begreep of bewust negeerde.

Wat de critici namelijk terecht stak, was dat er überhaupt zou worden gedebatteerd over racisme terwijl dat voor vele Nederlanders een verwoestende, dagelijkse realiteit is. Slachtoffers van vrouwenhaat of antisemitisme gaan ook niet ‘spannend’ in debat met daders en mensen die hun ervaringen ontkennen, doen aan victim blaming of vinden dat het probleem juist is vergroot omdat ze zich daarover uitspreken.

Jort Kelder was volgens de critici geen geschikte debatleider, omdat hij op dit dossier niet neutraal is. Kelder vent zijn rechtse en geracialiseerde opvattingen geregeld uit op radio en televisie. Zo opperde hij bij Jinek dat het Midden-Oosten maar moest ‘affikken’ en dat Nederland ‘net als Frankrijk’ vrouwelijke Syriëgangers moet doden in plaats van terughalen. In zijn eigen radioprogramma insinueerde Kelder onder meer dat corruptie een ‘geïmporteerd migrantenprobleem’ is en stelde hij een ‘culturele schoonmaakoperatie’ voor, zoals ik ook schreef in een column voor deze krant (14 oktober 2019).

De legitieme kritiek en de stemmen van mensen die zelden de ruimte krijgen bij de publieke omroep, werden ook nu weer niet gehoord door Rijxman. Was de publieke omroep divers en inclusief geweest, dan had zij de kritiek op De Stelling serieus genomen. Het programma zou dan in aangepaste vorm zijn gemaakt door een team dat in tegenstelling tot producent Pilot Studio wél divers en inclusief is.

De casus De Stelling is exemplarisch voor het jarenlange onvermogen en soms ook de onwil van de publieke omroep om structureel diverser en inclusiever te worden, zowel in de programmering als op de werkvloer. Dezelfde gesprekken die in de jaren negentig binnen de werkgroep diversiteit van de publieke omroep werden gevoerd, worden nog steeds gevoerd. Er is in al die jaren te weinig vooruitgang geboekt.

Stereotypering

Rapporten van onder andere Women Inc., de NPO Ombudsman en het NPO Expertpanel concluderen bijvoorbeeld dat Nederlanders van niet-westerse afkomst nog steeds niet goed zijn vertegenwoordigd in de televisieprogramma’s van de publieke omroep. Het gaat dan om ondervertegenwoordiging en/of stereotypering en gebruik van beperkte frames.

Met name talkshows zijn wat dat betreft berucht: er zijn nauwelijks tafelgasten van niet-westerse afkomst en als ze worden uitgenodigd spreken ze vooral over onderwerpen die specifiek met hun culturele achtergrond te maken hebben. Bovendien stelt het NPO Expertpanel dat talkshows en andere discussieprogramma’s eerder ‘gericht zijn op het uitvergroten van tegenstellingen tussen mensen met verschillende culturele achtergronden dan het overbruggen daarvan’. Daardoor spreekt het programma-aanbod een deel van de Nederlanders van niet-westerse afkomst niet aan; de publieke omroep is er niet voor hen.

Er zijn gelukkig ook televisieprogramma’s die het qua culturele diversiteit en inclusie beter doen, zoals talkshow M en een aantal kinder- en jeugdprogramma’s waaronder Voetbalmeisjes. Maar over de hele linie schiet de programmering van de publieke omroep wat dat betreft nog tekort. Dat erkent de NPO zelf ook in de jaarlijkse Terugblikken waarin zij rapporteert in hoeverre de programma’s voldoen aan ‘diversiteit’, ‘onafhankelijkheid’ en andere kwaliteitscriteria, de zogenaamde ‘publieke waarden’ die voortvloeien uit de Mediawet waar de publieke omroep aan gebonden is.

Het gebrek aan diversiteit en inclusie in de programmering hangt ook samen met het gebrek daaraan op de werkvloer van de omroepen; op het Mediapark in Hilversum ziet het wit van de mensen.

In de Terugblikken geeft de NPO in heel algemene bewoordingen aan omroepen te stimuleren om te letten op diversiteit bij de werving en selectie van nieuwe medewerkers. Hoe of wat wordt niet duidelijk, er worden geen concrete targets en instrumenten genoemd. Wel geeft de NPO aan dat medewerkers trainingen krijgen om bewust te worden van diversiteit. Maar wat dat exact heeft opgeleverd, wordt ook niet duidelijk.

Witte norm

Het werven van medewerkers van niet-westerse afkomst en het aanbieden van wat diversiteitstrainingen zijn niet voldoende. De publieke omroep moet werken aan een cultuuromslag die leidt tot daadwerkelijk inclusieve werkculturen waarin alle medewerkers en hun perspectieven de ruimte krijgen. En waarin diversiteit en inclusie niet worden gezien als ‘iets extra’s’ om af te vinken, maar als een inherente kwaliteit van programma’s zoals andere publieke waarden als ‘onafhankelijkheid’ en ‘betrouwbaarheid’.

Onderzoek laat namelijk zien dat programmamakers van niet-westerse afkomst zich vaak conformeren aan de heersende witte norm op de werkvloer en hun waardevolle afwijkende perspectieven censureren. Ook stromen zij sneller uit vanwege niet-inclusieve werkculturen. Die werkculturen kunnen alleen inclusief worden wanneer ook de posities van macht worden bekleed door mensen met verschillende culturele achtergronden en perspectieven. Dat is nu nog volstrekt niet het geval.

De indruk ontstaat dat de publieke omroep nog steeds bezig is met quick fixes in plaats van het ontwikkelen van een gedegen langetermijnstrategie ten aanzien van diversiteit en inclusie. Zij kan wat dat betreft leren van de BBC die als reactie op de recente antiracismeprotesten een grootschalig en ambitieus plan heeft gepresenteerd om diversiteit en inclusie in de programmering en op de werkvloer te bevorderen.

Quota

De BBC investeert 100 miljoen pond in de productie van programma’s die divers en inclusief zijn en hanteert daar ook quota voor. Daarnaast hanteert de BBC concrete doelstellingen voor de samenstelling van het personeelsbestand – ook op managementniveau. En tenslotte worden ook eisen aan diversiteit en inclusie bij de zogenaamde buitenproducenten gesteld.

Op dit moment is de publieke omroep niet van iedereen. Ze kan dat wel worden. Maar dan moeten de NPO en de omroepen na ruim 30 jaar aanmodderen nu eens echt werk maken van het vergroten van diversiteit en inclusie in de programmering, op de werkvloer en in de directies en besturen.

Reza Kartosen-Wong is mediawetenschapper, docent Mediastudies aan de Universiteit van Amsterdam en voormalig Paroolcolumnist.
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden