Roos Schlikker Beeld Lin Woldendorp
Roos SchlikkerBeeld Lin Woldendorp

Dit is de tijd van het Vuile Woord

PlusRoos Schlikker

Roos Schlikker

Lieve jongens. Jaja, ik weet wel, jullie zuchten en oogrollen als ik dat zeg. Daarom roep ik geregeld Klootzakjes of Zakkenwassers, er zit een grens aan de zoetigheid die jullie kunnen ver­dragen. Gelukkig maar. Ik ben blij dat we geen Hallmarkkaart zijn.

En toch: lieve jongens, schrijf ik jullie vanuit een plek die zacht is, zo zacht als mijn pantoffels. Je weet wel, de schapenwollige die jij, jongste, altijd aantrekt voor je indommelt in mijn bed. Als ik je grote broer nog even heb ondergestopt en jou slap van slaap overhevel naar je kamer, zullen ze weer schoppen tegen mijn knieholten, berenpoten bungelend onder je pyjamalijfje.

Lieve jongens, ik kreeg mailtjes van ­jullie schooldirecties. Het kerstdiner gaat niet door. De bonte avond ook niet. En het theater dat met de brugklas moest worden bezocht zal donker blijven.

Ach, ik weet: jullie zullen je schouders ophalen. Relativeren kunnen jullie als de beste. We hebben ons de afgelopen jaren suf gerelativeerd. Want we zijn gezond. En we wonen in een warm huis waar veel gelachen wordt. Ten koste van elkaar (je vader en ik zeggen nog altijd bank als we bang bedoelen omdat jullie dat als kleuter zeiden), en vooral ten koste van mij. Laatst riep ik in een poging tot opvoeden: “Wie nog één keer fuck zegt, verliest een euro!” Even was het stil. Toen murmelde jongste: “Mag balzakje wel?”

Zo lachen we jullie jeugd door. Maar de laatste tijd ben ik een beetje bank. Want ik vraag me af hoe jullie ooit terugkijken op vandaag. En nee, niet vanwege coronamaatregelen.

Want dit is de tijd van het Vuile Woord. En jullie, lieve jongens, zien het, net als ik. De vliegtuigjes met teksten over apartheid, het topmodel met 7 miljoen volgers dat een filmpje deelt over satanisten, Baudet die naast een beeld van een Joods kind tijdens de Holocaust een foto plaatst van een joch dat zogenaamd ongevaccineerd niet naar de sintoptocht mag, moeders die zichzelf ‘vrijheidsstrijders’ noemen en bij een coronasneltest spreken over een ‘neusverkrachting’, en aan de andere kant figuren die fel roepen dat ongeprikten mogen verrotten in hun ziekenhuisbed.

Lieve jongens. Ja, ik blijf het zeggen. Want het is nodig. De wereld verhardt, verengt en benauwt. En ik blijf me maar afvragen: is een mondkapje niet vele malen onschuldiger dan de rot die onze kinderen lezen en zien?

Ik denk dat ik het antwoord weet. Maar gelukkig, heel soms, klinken er mooie woorden in de kakofonie van lelijkheid. De mooiste waren deze week van zanger Alain Clark die opriep te dansen in nuance.

Dat wil ik. Dus zal ik vanavond een jongetje uit mijn bed tillen. Ik houd hem vast, langer dan anders. Heel, heel langzaam zet ik ons in beweging. Terwijl we wiegen zal ik ze voelen schoppen tegen mijn knieholtes, wollige berenpoten onder een pyjamalijfje.

En voorzichtig zal ik dan een klein pirouetje draaien, met in mijn armen een lijfje slap van slaap. Zo dansen we de nacht in. Op zoek naar een plek die zacht is.

Roos Schlikker (1975) is journalist en schrijfster van boeken en toneelstukken. Elke zaterdag schrijft ze een column voor Het Parool.

Reageren? r.schlikker@parool.nl.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden