Marcel LeviBeeld Artur Krynicki

De vraag naar een ambulance neemt elk jaar toe

PlusMarcel Levi

In Amsterdam zijn in het afgelopen jaar ongeveer zeventig­duizend ambulance­ritten voor spoedeisende situaties uitgevoerd, bijna tweehonderd per dag. De vraag naar een ambulance neemt elk jaar toe.

Met een steeds oudere, maar niet per se gezondere populatie valt dat te begrijpen. Ook de groeiende groep toeristen doet niet zelden een beroep op de ambulancedienst.

Als je de gele auto’s met blauw zwaailicht door de stad ziet racen, besef je misschien niet dat daarachter een enorme organisatie schuilgaat. Met hoogopgeleid personeel, dat aan strenge eisen moet voldoen en in staat is een breed aanbod van acute situaties te managen: van kinderen met ernstige infecties tot bejaarden met een gebroken heup en van hartinfarcten tot verkeersongevallen.

Dit alles wordt achter de schermen strak geregisseerd door een meldkamer, belast met de beantwoording van 112-telefoontjes en een precies overzicht waar alle ambulances zijn. Voordat de patiënt in het ziekenhuis arriveert, is er dikwijls al gecommuniceerd met de spoedeisende hulp, zodat daar de juiste teams paraat staan. De meldkamer zorgt ook voor een goede spreiding van de beschikbare ambulances in de stad.

De subtiele en ontwikkelde manier waarop het ambulancesysteem in Nederland verloopt, staat in scherp contrast met Londen, waar de ambulancezorg ongeorganiseerd en chaotisch is. De London Ambulance Service rukt 1,2 miljoen keer per jaar uit, opvallend genoeg ongeveer drie keer zo vaak per inwoner als in Amsterdam. Het Engelse alarmnummer 999 wordt per inwoner dubbel zo vaak gebeld als 112 in Nederland. Daarnaast krijgt ook het telefoonnummer voor andere acute medische zaken (111) tienduizenden telefoontjes per dag.

Er is geen sprake van een Engelse stiff upper lip als het de gezondheid betreft; zelfs bij minimale medische klachten krijgt men hier al een trillend onderlipje.

In Londen besluiten ambulanceteams zelf waar ze naartoe gaan met een patiënt. Van communicatie met ziekenhuizen of vooraankondigingen is geen sprake. Vaak leidt dit tot enorme, nauwelijks op te vangen pieken van ernstig zieke patiënten bij de spoedeisende hulp van een ziekenhuis, terwijl naburige hospitaals het veel minder druk kunnen hebben.

Ambulances kunnen ook om niet-medische redenen naar een bepaald ziekenhuis gaan. Zo zien wij in ons ziekenhuis bijna onhanteerbare pieken rond het middaguur en om 18 uur. De oorzaak hiervan is dat wij naast onze Spoedeisende Hulp – in tegenstelling tot andere ziekenhuizen – een McDonald’s en andere fastfoodrestaurants hebben; ambulancepersoneel heeft tijdens de dienst nauwelijks pauze om even wat te eten.

We kunnen in Nederland oprecht trots zijn op de prestaties en kwaliteit van onze ambulancediensten, die op een solide en georganiseerde manier bijdragen aan spoedzorg – zelfs nog voor de patiënt in het ­ziekenhuis arriveert.

Marcel Levi is Ceo van University College London Hospitals. Daarvoor was hij bestuursvoorzitter van het AMC.

Reageren? m.levi@parool.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden