Maarten MollBeeld Sjoukje Bierma

De vijf afschuwelijkste woorden voor een bijna 18-jarige

PlusMaarten Moll

Jongste Dochter is weer thuis.

Tot de laatste dag is ze op haar kamer gebleven, de kamer die ze zelf had geregeld, ver weg in West. Waar haar volgende leven zou gaan beginnen. Zelfstandig wonen en studeren.

En toen in september dat nachtelijke fietsongeluk en de opname in het ziekenhuis. De studie heeft ze noodgedwongen moeten opgeven. Haar woning, gekoppeld aan vrijwilligerswerk dat ze vanwege de revalidatie niet kan doen, ook.

Terug naar mama en papa.

De vijf afschuwelijkste woorden voor een bijna 18-jarige.

Leven op een laag pitje.

Nog vijf kutwoorden.

Vrijdag belde ze. Aan de geluiden te horen was ze met oude kranten in de weer.

“Ik wilde je even vertellen dat het heel goed gaat met inpakken.”

Ik hoorde meteen dat de opgewektheid waarmee ze het vertelde een gespeelde vrolijkheid was.

Tactvol probeerde ik iets positiefs te zeggen, slikte de raadgeving ‘pas je op met de messen?’ in, en wist ook de verboden zin ‘Het komt wel goed,’ achter slot en grendel te houden.

“Ik had het zo goed voor elkaar,” zei ze met een stem waarin ik al een trilling hoorde.

Het bleef een tijdje stil. Tot ik haar een paar keer heel hard haar neus hoorde ophalen.

“Dat fucking ongeluk!” zei ze.

Drie woorden die alles samenvatten.

“En dan moet ik straks ook nog alle dingen van de muren halen.”

Ik herinnerde me de reproducties die ze zelf had gekocht om haar kamer aan te kleden. Een met daarop een schaal met fruit (van een Rus van wie ik me de naam niet kan herinneren).

Aan alles hoorde ik: ik wil hier niet weg. Verzet.

En ze wil vooral niet zielig gevonden worden. Ze denkt dat iedereen haar op de weg naar huis langs de kant zal staan uit te lachen omdat ze weer naar pappie en mammie gaat. Dat is natuurlijk niet zo, maar het duurde even voor ik haar dat uit het hoofd had gepraat.

De volgende dag, toen we bij het huis van Ex de auto uitlaadden, liet ze me foto’s zien van de laatste avond. Een vol aanrecht en de koelkast waarop in het kader van een spel vieze tekeningen waren gemaakt.

“Er kwamen een paar vriendinnen langs.”

Ik zag weer mijn vrolijke dochter. Mijn veerkrachtige, strijdbare, sterke dochter. Zielig doen is niets voor haar. Er is iets van haar afgepakt en ze wil dat weer heel snel terug. Ze heeft alweer een baantje geregeld, en een enorme lijst met interessante opleidingen gemaakt waarvan ze open dagen wil aflopen.

Vader en moeder zullen haar nog even hinderlijk voor de voeten lopen, maar ze kan niet wachten tot ze de volgende koelkast kan gaan bekladden.

Maarten Moll schrijft over dagelijkse beslommeringen in de stad. Lees al zijn columns terug in het archief.

Reageren? m.moll@parool.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden