Jessica KuitenbrouwerBeeld Artur Krynicki

De reuring lijkt Amsterdam verlaten te hebben

PlusJessica Kuitenbrouwer

Het is stil op straat. Snel zet ik in de koelte van de vroege ochtend de ramen tegen elkaar open. De zon brandt al op de rozemarijn en lavendel op het balkon. Een koel briesje en het kruidige aroma van de planten transporteren me naar gekoesterde herinneringen in romantische buitenlanden. Mijn gordijnen wapperen de kamer in als een sensueel sfeerbeeld in een Franse film.

Op deze zondag is de eerste hittegolf van het jaar een feit, lees ik op het internet tussen de berichten over afgeladen parken en stranden, jachthavenraves, illegale feesten die door de politie opgebroken moesten worden, en zelfs een schietpartij in een druk bezocht recreatiegebied aan de rand van de stad.

Als ik over straat kijk, kan ik me bijna niet voorstellen dat de binnenstad gisteren nog zo op stelten stond. Ook hier beukten de blikkerige klanken van Top40-hits vanaf het water tegen de wal en het baksteen van de huizen, slalomden fietsers met grote strandtassen aan hun stuur tussen de hitsige partytoeristen door en bewoog opgejaagd uitgaanspubliek met grote urgentie door de straten.

De stad leek wel over te koken. Maar zoals het schuim op een pan pasta in elkaar zakt als je hem van het vuur haalt, zo lijkt de reuring Amsterdam verlaten te hebben. Ondanks dat het steen nog even warm is en de zon alweer hoog aan de hemel staat te stralen, is het rustig in de stad. Wie op de been is zoekt de schaduw en beweegt loom van A naar B, het water is nagenoeg uitgestorven. Op de Nieuwmarkt struint een handjevol mensen de kramen met hippiekleren, vintage servies en antieke posters af. In een steeg aan de Oudezijds laat een prostituee haar kamer luchten. Een café-eigenaresse zit in de deuropening van haar zaak op de Zeedijk zichzelf met een waaier toe te wuiven.

Ik fiets met een vriendin het groen in en aan het einde van de dag, als de lucht boven de stoepen niet meer zo heet is dat hij beweegt, fiets ik met Amstelwater in mijn haar weer terug.

Tot mijn verbazing is de sfeer in het centrum omgeslagen. Het is minder druk dan de avond ervoor, maar de atmosfeer heeft iets drammerigers. Rond half tien ’s avonds ontsteekt een symfonie van sirenes. Meerdere brandweerwagens en ambulances zoeven aan mijn flat voorbij. Even trek ik mijn wenkbrauwen op, maar dan zie ik weer die overkokende pan pasta voor me, en hoe die na uitdraaien van het vuur toch altijd een plakkerig residu achterlaat op het gietijzeren rooster van je gasfornuis.

Jessica Kuitenbrouwer  (1993) is schrijver, ­columnist en audioproducer. Ze schrijft deze zomer over haar leven in de binnenstad. Lees al haar columns hier terug.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden