Theodor HolmanBeeld Artur Krynicki

De recensent heeft macht, de schrijver angst

PlusTheodor Holman

De Volkskrant heeft een boekenrecensent op non-actief gezet vanwege #MeToo-gevalletjes. Ik ken hem. Ooit liet hij zich nogal laatdunkend uit over een boek van mij. Ik moet me nu dus inhouden en mijn roofzuchtige rancune, die steeds nerveuzer in zijn kooi heen en weer aan het drentelen is, in de gaten houden.

Macht en angst. De recensent heeft macht, de schrijver angst. Zeker een debutant is hoogst onzeker. Ja, de uitgever vond het goed, en de redacteur en mamma ook, maar of het echt goed is… weet je pas als je boek beoordeeld gaat worden in media die ertoe doen. Je toekomst hangt van zo’n recensent af.

Sommige docenten hebben die macht ook. Of je slaagt of niet, hangt soms af van één docent. Die vrees je. Hij heeft macht over je, net als die recensent.

(Het vreemde is dat die vrees blijft hangen. Ik herinner me dat ik twintig jaar later iemand tegenkwam die ik gevreesd had. Ondertussen had ik een grotere status dan hij, maar toch was ik nog belachelijk bang voor hem. Ik besefte toen hoe lang vrees kan doorwerken. Angstige afhankelijkheid schaadt de geest.)

Als je echt afhankelijk bent van iemand, doe je alles voor hem of haar. Een pijpbeurtje voor een goede recensie, ach, why not? Het is walgelijk, maar ik wil het risico op een slechte recensie in een invloedrijke krant zo klein mogelijk maken...

Van wie ik veel geleerd heb hoe om te gaan met recensenten, was Theo van Gogh. Over slechte kritieken had hij niet te klagen. Zag hij zo’n filmcriticus in het openbaar, dan zocht hij hem op en schold hem, wel­bespraakt en nogal luid, helemaal verrot. En niet gewoon verrot, maar door en door verrot, soms ook met het kapot slaan van glazen (meegemaakt) en het gooien van brandende Gauloises (meermalen meegemaakt). Ik was daarvoor te laf.

Zag ik een recensent die mij had gekraakt, dan verborg ik me. Elke slechte kritiek is namelijk altijd waar, weet je als schrijver. Was mij gevraagd mijn lichaam te laten misbruiken voor een goede recensie, dan denk ik dat ik dat zou hebben gedaan.

(“Maar nu even tussen ons, vond je mijn boek echt goed?”)

Toch vind ik het prettig dat ik die non-actieve klootzak met recht altijd al een walgelijke lul vond, of klink ik nu toch te rancuneus?

Theodor Holman (1953) is columnist, schrijver, televisie- en radiomaker. Elke dag, uitgezonderd zondag, lees je hier zijn column. Lees al zijn columns terug in het archief.

Reageren? t.holman@parool.nl.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden