Lezersbrief

‘De overheid zou moeten kijken naar een specifieke aanpak voor restaurants’

Raul Lansink, eigenaar van restaurant Nazka te Amsterdam, betoogt dat restaurants een essentiële sociale functie hebben.

Stoelen en tafels staan 1,5 meter uit elkaar op een terras.Beeld ANP

De opening op een kier is aanstaande. Restauranthouders, laverend tussen hoop en verslagenheid, slaan aan het passen en meten. Zou het toch mogelijk zijn? Kon je in pre-coronatijden 0,4 gasten per m2 ontvangen, nu wordt dat 0,1 in juni en 0,2 vanaf juli. Dit betekent een omzetdaling van minimaal 50 procent. Bij gelijkblijvende vaste lasten zoals huur en rente is dit een recept voor faillissement. Daar helpt geen tijdelijk terras tegen.

Restauranthouders worden ongenadig hard getroffen en de vooruitzichten zijn ronduit somber. Wat hen overeind houdt, is de passie voor hun vak. Wat houdt die passie in? Mensen met goed eten en drinken bij elkaar brengen. En dit is iets wat het belang van deze branche overstijgt.

In een geïndividualiseerde samenleving voorzien restaurants in een levensbehoefte. De behoefte om elkaar op te zoeken, om je verbonden te voelen met vrienden en dierbaren. Restaurants zijn de stedelijke oases waar sociale banden worden aangehaald. Het draait bij restaurants om gastvrijheid, contact en intimiteit. Iemand in het restaurantwezen heeft net zo goed een ‘contact­beroep’ als een fysiotherapeut of kapper.

Deze essentiële sociale functie wordt ondergraven door de 1,5 meterregel. Met 1,5 meter zet je mensen letterlijk op afstand en voelen zij geen verbinding meer. Zodra restaurants deze verbindingsfunctie niet meer kunnen bieden, zullen mensen alternatieven zoeken. We zien dit nu al in de groeiende drukte in parken en we kunnen erop wachten dat mensen elkaar massaal in besloten sfeer gaan opzoeken.

Je durft het haast niet meer te roepen, maar de 1,5 meter is geen bewezen maatstaf: de WHO adviseert 1 meter; Zweden hanteert ‘at arm’s length,’ wat gelijkstaat aan 70 centimeter. En ook in Zweden daalt het aantal besmettingen.

De behoefte aan sociale verbinding laat zich niet temmen. De overheid doet er beter aan deze impuls te kanaliseren in plaats van te steriliseren. De overheid moet durven kiezen voor een gedifferentieerde aanpak. Denk hierbij aan toelating op basis van risicoprofiel, temperatuur­meting aan de deur en een flexibelere visie op sociale afstand. Het is tijd om te kijken naar een specifieke aanpak die een gezond perspectief biedt voor mens en bedrijf.

Raul Lansink, eigenaar restaurant Nazka te Amsterdam (9+ in Het Parool)

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden