Art, Puk en Keesje Rooijakkers.Beeld Artur Krynicki.

De nieuwe generatie moet het zelf uitvinden. Ik houd mijn hart vast

PlusDe Eeuw van mijn Dochters

De tweeling Puk en Keesje, geboren in 2017, zijn kinderen van de 21ste eeuw. Wat houdt dat in en hoe ziet hun leven straks eruit? Vader Art Rooijakkers ging op onderzoek uit. Vandaag de slotaflevering: wat hebben we geleerd?

Optimisme is onze morele plicht, stelde wetenschapsfilosoof Karl Popper. Nou gebruikte die wijsneus vaker grote woorden. Maar toch. Sinds ik bijna drie jaar geleden vader werd van een tweeling, vraag ik me af hoe hun wereld eruit zal zien. Voor deze Paroolrubriek, waar dit het slot van is, ging ik daarom een jaar lang in gesprek met wetenschappers en andere deskundigen over de eeuw van mijn dochters. Een poging om grip op hun toekomst te krijgen en te voldoen aan de opdracht van Popper.

Wat leerde ik in dit jaar? Mijn dochters worden –met een beetje geluk – allebei minimaal honderd, zullen zich opgeteld twee jaar daarvan vervelen, lopen een groot risico een oorlog mee te maken, gaan seks hebben met een robot en kijken naar cash geld zoals wij naar postduiven: charmant, maar inefficënt.

Wat nog meer? Vlees wordt het kaviaar van de toekomst, ons gemiddelde IQ is aan het dalen, binnenkort is het technisch geen enkel probleem ruimtetoerist te worden, over vijftig jaar printen we organen, het wordt praktisch onmogelijk je onbespied te bewegen en Amsterdam zal hoger worden, met meer torens.

Nog eentje dan? Waar hun vader de wereld over reist om Bruce Springsteen in levenden ­lijve te zien, gaan zij hard gillen voor een hologram dat tijdens haar wereldtour Amsterdam aandoet. En o ja, ze spreken nog Nederlands, maar met meer en meer buitenlandse invloeden, waardoor ze voor ouderen licht onverstaanbaar zullen zijn.

Genoeg kennis vergaard dus, maar ben ik er ook iets wijzer van geworden? Misschien is het zoals een hoogleraar verzuchtte en is de toekomst verkennen in wezen koffiedik kijken. Probeer ik als een donquichot de molens van de toekomstige werkelijkheid te lijf te gaan. Want spoel eens dertig jaar terug in plaats van vooruit. Het is 1990, de Koude Oorlog is net voorbij, internet zoals we het kennen bestaat nog niet en de smartphone laat ook nog even op zich wachten. De aanslagen van 9/11 en de Europese vluchtelingencrisis van 2015 liggen verborgen in de toekomst. Dat soort gebeurtenissen is niet te voorspellen, maar heeft de recente geschiedenis bepaald. Dus om nou te zeggen dat ik na dit jaar beter weet hoe deze eeuw eruit gaat zien? Het zou overmoedig zijn.

Daarom zal ik moeten leren mijn dochters los te laten, in wat voor wereld dan ook. Ik houd mijn hart vast. Al is het maar door wat die jogger me ooit in het voorbijgaan toeriep. “Twee meissies? Sorry, man!” Nog slaapdronken keek ik hem aan. “Kijk, ik heb een zoon en hoef dus maar één pikkie in de gaten te houden. Jij moet straks voor álle pikkies van de stad oppassen.”

Gelukkig is het nog lang niet zover. Voorlopig hou ik mijn dochters stevig vast, vertel ze sprookjes en ruik aan hun haren. Hoe ik het ook geprobeerd heb met deze rubriek, ik kan niet voor ze uit gaan om hun pad te effenen, maar zal achter ze lopen om ze op te vangen wanneer ze vallen. Tot ze groot genoeg zijn om zelf op te staan en wie weet de toekomst te beïnvloeden. Trots zal ik ze nakijken.

Voor deze rubriek werkte Art Rooijakkers ­samen met studenten (Condor) van de Fontys Hogeschool Journalistiek in Tilburg.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden