Thomas Acda. Beeld Artur Krynick

De mooiste van Marco, op één been

Plus Thomas Acda

Mijn uitgever appte dat hij iets heel leuks had en ‘hou 2 december vrij!’. Ik weet niet of u mijn uitgever kent, maar met die ene zin had ik er weer een paar zekerheden bij in het leven. 1) Het zou zeker leuk worden. 2) Het zou leuk voor mij zijn maar nóg leuker voor hem, want hij hoefde niet te doen wat hij mij ging vragen. 3) Tot hij belde was ik 2 december vrij geweest. Daar was de zin ‘ik zag toevallig in je agenda dat je vrij was’ niet eens voor nodig geweest. Toen hij later vertelde wat de bedoeling was, wist ik dat ik tot 3 december niet meer goed zou slapen. Ik mocht een lied spelen op de boekpresentatie van Marco van Basten. ‘Geef even drie voorstellen, dan kom ik terug met een ander nummer dat Liesbeth en Marco liever willen horen.’ Zo snel ging het niet, maar daar kwam het wel op neer. ‘Geen zorg, ik ruim ook een paar minuten in voor die ellenlange aankondigingen van je.’

Leuk. Marco van Basten. Ik heb hem een keer bijna doodgereden. Ik dacht op de Apollolaan. Maar als Marco daar geen enkel excuus voor heeft, wil ik elke andere laan invullen, geen punt. Ik had net een week mijn rijbewijs dus nog minder dan een week mijn auto. Hij kwam een oprijlaan af en zag mij pas toen ik gillend en piepend remde (ik gilde, auto piepte) en mijn kersverse koplampen hem als in een politiefilm beschenen. Hij grijnsde zijn beroemde lach en reed soepel weg. 1988 had heel anders kunnen verlopen.

Sowieso, trouwens. In de finale van het EK – toen Gullit woest, terecht, verdiend en fabelachtig machtig, krachtig de bal met zijn hoofd het net in joeg – stond ik heel toevallig even op één been. Mijn vader zag het en vroeg mij vriendelijk vanaf nu op één been te blijven staan. Mijn vader en mijn uitgever hebben hetzelfde… overredingsplezier, zeg maar. Pas 45 minuten later maakte Marco de mooiste goal van het toernooi. Opgelucht sprong iedereen op en neer. Ik op één been. Ik kende mijn taak. Men eiste nu helemaal mijn eenbenige bijdrage.

Het was zwaar, maar ik had nog mazzel vergeleken met Ome Jo die toevallig vlak voor de Gullit-goal naar het toilet was gegaan. Die moest voor de goede zaak niet alleen op de wc blijven, maar ook in dezelfde positie. Ik hoefde niets vast te houden.

‘Neem tenminste aan dat je nog een leuke anekdote hebt…’

‘Nope. Niks. Welk nummer willen ze?

Prima!’

Thomas Acda (1967) is zanger en acteur. Voor Het Parool beschrijft hij wekelijks zijn observaties van ‘de’ Amsterdammer.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden