Plus Column

De mensen bij wie we ons veilig en geliefd voelen

Massih Hutak Beeld Robin de Puy

Ik ben op de Alphons Laudyschool in Amsterdam-Zuid voor een workshop over tolerantie. Het is het derde opeenvolgende jaar dat ik hier een gastles mag komen geven. Sommige leerlingen ken ik nog van voorgaande jaren, veel leerlingen zie ik voor het eerst.

De Alphons Laudy is een school voor voortgezet speciaal onderwijs. Werken met deze doelgroep ervaar ik als een van de mooiste dingen die er zijn om te doen. Ik sta keer op keer versteld van hun emotionele intelligentie en hun ontwapenende humor. En vooral van hun rap­skills.

De meester in wiens klas ik voor het derde jaar te gast ben, is een docent zoals ik die ieder kind gun. In mijn inleiding vertel ik dan ook over mijn basisschool juf Tries omdat alles wat ik doe en ben, begint en eindigt bij haar. En omdat vrijwel alles in een mensenleven begint en eindigt bij een inspirerende ­leraar.

Ik vertel hoe juf Tries mij gedichten liet schrijven en boeken liet lezen. Dat ik door haar ben gaan houden van verhalen en van taal. En dat ik op die manier vroeg heb mogen ontdekken hoeveel ik gemeen heb met mensen die in eerste instantie ontzettend ver van mij en mijn wereld lijken af te staan.

Natuurlijk gaat aan die conclusie een proces vooraf van je soms buitengesloten voelen. Een jongen vertelt dat hij dit gevoel herkent, bijvoorbeeld als hij in Beverwijk rondloopt met zijn gezin en iedereen hem raar aankijkt en niemand daar op hem lijkt. Op school zit hij in een hele gemengde klas en dat gaat eigenlijk prima, vertelt ie.

Ook mij is weleens gezegd alleen met mijn eigen mensen om te gaan. Maar toen ik met deze jongen hardop ging nadenken wat dat dan betekent, 'onze eigen mensen', kwamen we tot de conclusie dat dat vooral mensen zijn bij wie we ons veilig en geliefd voelen. En voor heel even waren wij, die ochtend met z'n tweeën, deze personen voor ­elkaar.

In de volgende les gooit een meisje de ene na de andere wijze quote en improviseert ter plekke een motivational speech waar ik kippenvel van krijg. Ik besluit dat ik deze zinnen maar eens op moet gaan schrijven en voor ik het weet, hebben we een gezamenlijke eindtekst die, zoals elk jaar, begeleid door de meester op percussie, klinkt als een bus.

Aan het eind vertelt een jongen, die ik een paar jaar terug adviseerde om muziek te maken, dat hij nu demo's op het internet heeft staan die hij graag wil laten horen. Hij wil één nummer zelfs voor de klas ten gehore brengen.

Nadat hij plaatsneemt tegenover z'n klasgenoten, start hij een relaxte hiphopbeat waarop hij met een consequent brede lach rapt en zingt over een misgelopen jeugdliefde. Het is catchy, ontroerend en grappig tegelijk. Ik vertel hem dat hij een superster is en hij lacht verlegen dus nu weet ik het zeker.

Als ik nog les zou geven, kon ik me geen betere plek voorstellen om te werken dan hier.

Rapper en schrijver Massih Hutak (26) schrijft columns voor Het Parool.

Reageren? m.hutak@parool.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden