De laatste schooldag voor altijd

PlusFemke van der Laan

De jongste föhnt zijn trui. Het is zijn schooltrui, zijn afscheidstrui. Hij wil hem straks aan. Het is de laatste schooldag ‘voor altijd’ en daar hoort deze trui bij.

Hij kwam er gisteravond mee, met dat de trui aan moest. Het was al bijna bedtijd. “Morgen trek ik mijn schooltrui aan.”

De trui lag op de grond van zijn slaap­kamer.

Er zat een vlek op.

Hij had de trui een tijdje elke dag gedragen. Als een jas, over zijn kleren heen. Tot het te warm werd. Toen had hij hem nog een tijdje om zijn middel geknoopt als hij ’s ochtends de deur uitging. Daarna lag de trui in de vensterbank. Daar kwam hij maar lastig weg. Ik had gevraagd of de trui mee naar boven kon, een paar keer maar, niet heel vaak; de trui was al snel een grijze vlek geworden bij het raam. Iets wat je niet echt meer ziet. Tot ik hem weer wel zag en hij van mij – ‘nu echt’ – naar boven moest. Daarna lag de trui nog kort op de bank en eventjes op de trap. Van daaraf belandde hij op het bed van de jongste. ’s Avonds lag hij op de grond.

Gisteravond heb ik de trui gewassen. Ik hing hem voor het raam, aan de kant van het huis waar de zon ’s ochtends opkomt. Met een beetje geluk zou hij droog zijn voor schooltijd.

Het was grijs toen ik wakker werd.

De trui was nog nat.

Nu staat de jongste bij de eettafel en beweegt de föhn in kleine cirkels vlak boven de trui. Steeds een rondje of tien en dan schuift hij een stukje op. De mouwen liggen naar opzij. De boord aan de onderkant hangt een klein stukje over de tafelrand. Het is bijna schooltijd. De laatste keer voor altijd.

Ik kijk naar het gezicht van de jongste. Zijn blik is geconcentreerd. Even vraag ik me af of ik iets moet zeggen. Over zijn eerste schooldag. Hoe dat ging. Hoe dat was. Dat hij ook zo geconcentreerd keek. Maar ik weet niet of dat waar is. Ik weet niet meer hoe hij keek. En ik weet niet meer hoe het was. Hij was de jongste. Het ging gewoon. Hij ging gewoon.

“Klaar.”

De jongste zet de föhn uit. Hij kijkt me even aan. Ik knik. Dan trekt hij de trui aan.

Ik leg mijn handen op zijn rug, tussen zijn schouderbladen, onder de capuchon. De trui is nog nat daar. Het voelt koud.

Ik kijk naar buiten. Het is nog steeds grijs. Ik denk dat het zo gaat regenen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden