Plus Patrick Meershoek

De kinderburgemeesters schieten als paddenstoelen uit de grond

Patrick Meershoek Beeld Artur Krynicki

Ze schieten als paddenstoelen uit de grond, de kinderburgemeesters. Lieuwe in Amstelveen, Emilie in Diemen, Berber in Aalsmeer, Sammy in Haarlemmermeer. Amsterdam heeft een kinderstadsdeelvoorzitter in Zuidoost, de elfjarige Whitney, die inmiddels handen mocht schudden met de grotemensenburgemeester en de premier.

Is het een bestuurlijke bevlieging? Enkele jaren geleden moesten alle gemeenten nog per se een standaard met vlag in de raadszaal, om de volksvertegenwoordigers in de hitte van het debat over de kosten van de groenvoorzieningen eraan te herinneren dat zij zich in Nederland bevonden, en niet in Buiten-Mongolië.

Nu zien de bestuurders weer graag een kind in hun midden, niet zelden aangevuld met een complete kindergemeenteraad die eens in de paar maanden vergadert. Het uitgangspunt is dat het goed is kinderen te betrekken bij de besluitvorming. Scholieren kunnen ideeën spuien en krijgen meteen een kijkje in de keuken van de democratie.

Daar kan geen verstandig mens tegen zijn. Toch heeft het vaak ook iets ongemakkelijks om bestuurders en kinderen samen te zien. Er zijn maar weinig foto’s te vinden van de kinderburgemeesters zonder dat er een volwassen exemplaar naast staat te glunderen: de kinderburgemeester als vertederende garnering van de macht.

Mijn argwaan heeft ook te maken met de inzet van het kind als politiek instrument. Kiezers houden van bestuurders die van kinderen houden. Niet voor niets staat in het handboek voor volksvertegenwoordigers op de eerste bladzijde met kapitalen geschreven: geen zeldzame dieren afschieten en aardig doen tegen kinderen.

Ik vraag me ook steeds af in hoeverre deze jeugdige bestuurders hun eigen programma mogen volgen. Hoeveel vrijheid krijgen zij in het huis van de democratie om te doen wat zij belangrijk vinden? Of worden zij eenmaal aan tafel toch met vaardige, zachte hand naar de bestuurlijk gewenste voorstellen gekneed?

Een rondgang langs de kinderburgemeesters leert bij voorbeeld dat zij een opvallende obsessie met zwerfafval hebben. Daarvan is er veel te veel. Is dat werkelijk wat deze kinderen bezighoudt? Mijn kinderen zijn ongetwijfeld niet representatief, maar zij doen juist elke dag opnieuw hun uiterste best om zo veel mogelijk zwerfafval te produceren.

Het resultaat van de inbreng is het plaatsen van al dan niet pratende prullenbakken. Ook daar is niets mis mee, maar het is natuurlijk klein bier vergeleken met de echte problemen: de aanpak van het fijnstof in de lucht die kinderen elke dag inademen of het grote verschil in kansen voor pasgeboren baby’s per postcode.

Niets mis met een vrolijk fotomoment, maar ik hoop toch dat Lieuwe, Emilie, Berber, Sammy en Whitney na afloop hun volwassen collega’s toch even apart nemen voor een stevig gesprek. “Oké, je hebt weer even kunnen shinen aan mijn zijde, maar vertel me nu maar eens wat je werkelijk voor ons gaat doen.”

Patrick Meershoek is verslaggever van Het Parool en schrijft elke woensdag een column. Lees alle columns hier terug.

Reageren? patrick@parool.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden